Mijn naam is Ali Şerik. Mijn werk is onder andere te vinden in Dichter van Plint, in de verzamelbundel Heimwee Naar Huiswerk van uitgeverij Rainbow, in de verzamelbundel Met stip samengesteld voor Jos van Hest en in het kinder-en jeugdboek Lachen, Gieren, Brullen van uitgeverij Ploegsma. Daarnaast heb ik twee keer een epos gepubliceerd: Land van Weemoed en De Zachte Veren van de Tijd. Inmiddels is de vierde bundel uitgekomen: ‘De barbaren van de liefde’.
Als twee oude mensen vereenzamen
Nu mijn vrouw tweeëntachtig is,
is ze niet meer zo lenig.
Wij blijven dagen thuis,
boodschappen worden bezorgd.
Afstanden worden groter.
Ze vraagt
of ik haar teennagels wil knippen,
ik ga op mijn knieën
knip haar nagels.
Als ik klaar ben,
kus ik haar voeten.
Na zestig jaar nog steeds verliefd.
Omdat ze niet meer zo lenig is,
scheer ik ook haar okselhaar.
Heel voorzichtig moet ik het doen
ook ik ben niet meer zo lenig,
mijn handen trillen,
neem tussendoor pauzes.
Mijn vrouw ruikt nog steeds heerlijk,
als ik klaar ben,
kus ik haar oksel.
Nu mijn vrouw tweeëntachtig is,
is ze niet meer zo lenig.
Wij blijven dagen thuis,
boodschappen worden bezorgd.
Afstanden worden groter.
Ze is nog steeds zeer gesteld
op haar hygiëne
dus scheer ik elke maand
haar schaamhaar.
Ze gaat op een stoel zitten,
leunt achterover,
voeten uit elkaar,
ik tussen haar benen.
Ik ga rustig te werk,
mijn handen trillen
niet van opwinding,
ook ik ben niet de jongste.
Terwijl ik aan het werk ben,
rookt zij nog een sigaret.
Laat voorzichtig het scheermesje glijden,
diep in de hoek van haar ogen
zie ik het genot.
Daarom sla ik het kussen over.
– Ali Şerik

