
Utrecht – Ali Şerik werd in 1962 geboren in Turkije. Hij was zeven jaar toen hij voor het eerst in Nederland kwam wonen. Voor de Amersfoortse Courant schreef Ali Şerik een aantal jaren een column. Zijn eerste gedichten waren in het Turks, die werden gepubliceerd in Turkstalige tijdschriften in Nederland en Turkije. Uitgeverij Broy in Istanbul heeft drie gedichtenbundels van zijn hand uitgegeven. Nederlandstalige gedichten van Ali Şerik zijn opgenomen in verzamelbundels van Taalpodium Utrecht / Zeist. Doorbloeiend Heimwee is zijn laatste Nederlandstalige bundel.
–
Geesten die niet rusten
Tijdens het verbouwen van het oude grachtenpand
vonden wij geesten op de zolder
Heel voorzichtig gingen wij aan het werk
om ze niet waker te maken
Ze waren achtergebleven uit verschillende jaarringen
Is het leven een diepe slaap waarin wij dromen
en met de dood ontwaken
Elke keer als er toch een geest wakker werd
werden wij ondervraagd waarom wij het verleden verwijderden
Met een gedoofde blik luisterden ze naar de toekomst
die wij wilden inrichten voor onze kinderen
Nu wij klaar zijn met ons nieuwe huis
zingen wij geen liederen meer van eertijds
anders worden de geesten wakker
zingen ze de hele nacht mistroostig door
blijven de rest van de volgende dag voor het raam hangen
kijken naar de wereld die elke dag opnieuw haar vleugels uitslaat
Als op de tv een kogel wordt gelost
springen ze wakker, komen ze op ons af
om te kijken of iemand geraakt is
er is geen wond die volledig geneest
Toen ik vanmorgen tegen mijn vrouw zei
dat ik naar het graf van mijn vader ging
vroegen ze, of ze mee mochten
Op het kerkhof gingen ze op zoek naar graven
die geen bezoekers meer hadden, terwijl de doden
toch voortleefden in hun geslacht dat niemand meer herkent
Ze zochten naar de resten van gebeente hoe het aarde werd
verder leeft en hoe nietig de wijn van het leven is
Nu weet ik niet of ik de geesten daar moet laten
of ze mee moet nemen naar het huis dat elke avond
als een heilige naar zijn eigen schaduw in het water kijkt
Geesten die niet rusten
–
Tijdens het verbouwen van het oude grachtenpand
vonden wij geesten op de zolder
Heel voorzichtig gingen wij aan het werk
om ze niet waker te maken
Ze waren achtergebleven uit verschillende jaarringen
Is het leven een diepe slaap waarin wij dromen
en met de dood ontwaken
Elke keer als er toch een geest wakker werd
werden wij ondervraagd waarom wij het verleden verwijderden
Met een gedoofde blik luisterden ze naar de toekomst
die wij wilden inrichten voor onze kinderen
–
Nu wij klaar zijn met ons nieuwe huis
zingen wij geen liederen meer van eertijds
anders worden de geesten wakker
zingen ze de hele nacht mistroostig door
blijven de rest van de volgende dag voor het raam hangen
kijken naar de wereld die elke dag opnieuw haar vleugels uitslaat
Als op de tv een kogel wordt gelost
springen ze wakker, komen ze op ons af
om te kijken of iemand geraakt is
er is geen wond die volledig geneest
–
Toen ik vanmorgen tegen mijn vrouw zei
dat ik naar het graf van mijn vader ging
vroegen ze, of ze mee mochten
Op het kerkhof gingen ze op zoek naar graven
die geen bezoekers meer hadden, terwijl de doden
toch voortleefden in hun geslacht dat niemand meer herkent
Ze zochten naar de resten van gebeente hoe het aarde werd
verder leeft en hoe nietig de wijn van het leven is
Nu weet ik niet of ik de geesten daar moet laten
of ze mee moet nemen naar het huis dat elke avond
als een heilige naar zijn eigen schaduw in het water kijkt
–
– Ali Şerik
