De Vier van Vrijdag: Jolies Heij

Jolies Heij.
Jolies Heij.

De randen van het bestaan, de duistere gedachten, …Jolies Heij weet in haar poëzie deze ruwe kristallen van het leven te laten schitteren. In de tachtiger jaren studeerde zij Duits aan de Universiteit Utrecht en nu is zij full time dichter. Zij is te zien op onder meer poetry slams en poëziefestivals. Ook is zij GGZ-dichter. Een favoriete uitspraak op haar facebookprofiel: ‘Du musst nicht tanzen, aber beweg dein Herz (Wir sind Helden)’.

Blozende kersenbloesems maken koortsig
De bomen dragen opwaaiende bruidsjurken
en ik meet de koorts. Milde zonnen
tasten lichtvoetig donkere oksels
af, doen schaduwen opspringen. Bloesem
pronkt. Met gulle handen worden grasmatten
uitgerold, het land schaamt zich niet
voor het verse bloed, die overvloed
aan Mondriaankleuren die maken dat
je de gordijnen sluit: de nacht doet
alles dicht. De mensen mogen hun huid
weer aan, stringsporen laten staan.
Heel het vozige vertier verplaatst
zich naar de beemd en blozende
schaamlippen wapperen in de wind.
Er is een onvermijdelijk tegen elkaar
aanschuren, het zuchten van scharnierende
lijven. Weldra houdt zomerloomte de beesten
in de greep, stof beneemt het zicht.
Wulps de openbarstende, van misnoegen
vergeven vruchten, grijs het gemis.
Blozende kersenbloesems maken koortsig
De bomen dragen opwaaiende bruidsjurken
en ik meet de koorts. Milde zonnen
tasten lichtvoetig donkere oksels
af, doen schaduwen opspringen. Bloesem
pronkt. Met gulle handen worden grasmatten
uitgerold, het land schaamt zich niet
voor het verse bloed, die overvloed
aan Mondriaankleuren die maken dat
je de gordijnen sluit: de nacht doet
alles dicht. De mensen mogen hun huid
weer aan, stringsporen laten staan.
Heel het vozige vertier verplaatst
zich naar de beemd en blozende
schaamlippen wapperen in de wind.
Er is een onvermijdelijk tegen elkaar
aanschuren, het zuchten van scharnierende
lijven. Weldra houdt zomerloomte de beesten
in de greep, stof beneemt het zicht.
Wulps de openbarstende, van misnoegen
vergeven vruchten, grijs het gemis.
– Jolies Heij