Oester
jaren staan geslepen in mijn huid
zwart als de nachten
die zich boven mij kantelen
in een storm van sterren
op de kust geworpen
een onbeheerd huis
op de kust geworpen
het is het zand om het even
de meester die mij bouwde
ging al verloren
zout brandde mij zwart
een dode bloem van kalk
onverschillig in welke hand ik lig
steeds vraagt het skelet om vlees
in zon en getijden
in sleurende stromen
hoe je reist is hoe je leeft
vreemd de smaak van de dood
vreemd de smaak van het leven
een dunne schil
alleen een mens kan eenzamer zijn.
Utrecht – Jaap Lemereis (52 jaar), lid van de Vier van Vrijdag. Hij schrijft sinds zijn jongste jeugd gedichten. Tegenwoordig schrijft hij ook vaak korte verhalen. Daarnaast is hij vader van vier kinderen, die deels alweer het huis uit zijn. Hij loopt af en toe een eindje hard, spreekt graag af met vrienden en houdt zich bezig met filosofie. “Tussendoor heb ik een baan.”
–
Oester
–
jaren staan geslepen in mijn huid
zwart als de nachten
die zich boven mij kantelen
in een storm van sterren
–
op de kust geworpen
een onbeheerd huis
–
op de kust geworpen
het is het zand om het even
–
de meester die mij bouwde
ging al verloren
zout brandde mij zwart
een dode bloem van kalk
–
onverschillig in welke hand ik lig
steeds vraagt het skelet om vlees
in zon en getijden
in sleurende stromen
–
hoe je reist is hoe je leeft
vreemd de smaak van de dood
vreemd de smaak van het leven
een dunne schil
–
alleen een mens kan eenzamer zijn.
–
– Jaap Lemereis

