‘Taal lijkt niet te talen naar de dingen, maar moet wel zijn ding doen’

Stephan Vollenberg’s diepgang met een knipoog

Door Peter le Nobel

Stephan Vollenberg. Foto: Peter le Nobel.
Stephan Vollenberg. Foto: Peter le Nobel.

Utrecht – Stephan Vollenberg debuteerde onlangs met de bundel ‘Berg Baart Muis’, de eerste uitgave in de speciale serie Eendagsvliegreeks van Uitgeverij Nadorst. Voor een dichter met diepe interesse voor onder meer de anthroposofie, het gedachtengoed van Jung, de theosofie en de Middeleeuwse filosofie zijn de gedichten opmerkelijk leesbaar en humoristisch. Diepgang met een knipoog.

Trap er niet in

De grond

waarop ik sta


is niet de grond waarop ik sta


Het is taal


De taal

die ik spreek

is niet de taal die ik spreek

Het is grond

Dit gedicht is zijn poëtisch-filosofische belijdenis.

Eigenlijk wilde Vollenberg debuteren met zijn dichtbundel ‘Topje IJsberg Vulkaan’, een selectie van een berg gedichten die hij vanaf zijn twaalfde heeft geschreven. “De uitgever heeft mij voorbij gestreefd.” Zijn aanvankelijk debuut zou uit drie delen moeten bestaan:  ’Topje IJsberg Vulkaan’ als deel een, ‘Oevers van taal’ als deel twee en ‘ Zee’  in deel drie. “Zo ga ik van omhoog naar omlaag en van ijsberg naar oever en ook van vulkaan naar oever.” Het gedicht ‘Trap er niet in’  zal de opening zijn van deze opening en misschien zal de hele bundel ‘Berg Baart Muis’ wel de prélude zijn op deze aanvankelijk bedoelde eersteling.

De gedichten van Vollenberg zijn doorgaans kort, waar zijn essays juist lang zijn, vol wijd uiteenlopende terzijdes om te komen tot een nuance. “Ik doe er misschien teveel aan af, maar mijn gedichten zijn min of meer gestileerde gedachten, die ik probeer kort te houden, want dan is het snel gezegd.”

Vollenberg houdt echter wel van ‘good old’ Emily Bronte, William Blake en Goethe. “Allemaal hebben zij juist weleens epische gedichten geschreven.” Maar Vollenberg, houdt ook van Paul van Ostaijen en H.C. ten Berge. Geen dichters die bekend staan om een romantische traditie, maar juist om het experiment.

Het tweede wat opvalt aan de gedichten in ‘Berg Baart Muis’  is het taalspel.

Dom


Stomme

Dom


je klokkenspel

kennen we nu wel


sinds je zeshonderdzoveel jaar geleden

klaar gekomen bent


en

sinds

dien

toch


over

eind

bent

blij

ven

staan

Met de laatste twee strofen, inderdaad, als paal, geïnspireerd op de ‘beelddichten’  van Ostaijen.

Taal, als fenomeen, heeft Vollenberg altijd geboeid. Zeker in relatie tot het filosofisch gedachtengoed. “Taal staat tussen het denken en de dingen in, en voor mij misschien nog dichter bij het denken, waarbij de gedachten zich veel meer in flitsen en in volledigheid presenteren. Taal is een proces in de tijd. Je kunt een idee krijgen over iets en vervolgens probeer je dat in taal te vatten. Een woord als tafel kan vrij willekeurig zijn, maar de tafel kan er van zichzelf al zijn. Dat is de grond waarin ik probeer te wroeten. Taal kan bovendien de dingen verbeelden die er niet zijn, of voorbij zijn, maar het verhaal kun je altijd blijven oproepen. Met mijn taalspel probeer ik de werking van taal te onderzoeken. Het lijkt erop: de taal taalt niet naar de dingen, maar moet wel zijn ding doen.”

Geleerden als Aristoteles, Plato en Thomas van Aquino zijn Vollenberg in zijn bespiegelingen voorgegaan. “Ik ben altijd geboeid geweest in het filosofisch kernvraagstuk: hoe verhoudt het denken zich tot het waarnemen? Wat is wetenschap? In de middeleeuwen had je de discussie over, hou je vast: ‘de ontologische status van het universele’. Wat is de zijnsaard van begrippen en namen? Zijn begrippen louter mentale concepten of is ons denken door de structuur van onze taal bepaald en in die zin niet autonoom? Staan begrippen op zichzelf of zijn ze verankerd in de dingen?”

Er valt uren college in de filosofie over te geven. Thomas van Aquino heeft gesteld dat een boom bijvoorbeeld een ontwerp is van God, terwijl de mensen in ieder geval zo dicht bij God staan dat zij het werk als concept van de grote meester herkennen, wat voor soort boom het ook is. “In de anthroposofie wordt toegevoegd dat ook in klank de aard van een ding is te herleiden. Het Franse l’ Arbre die met zijn a misschien naar de bladeren verwijst, en de klank van ‘boom’ die –inderdaad, heel nuchter- naar de stam lijkt te verwijzen.”

Een laatste voorbeeld uit ‘Berg Baart Muis’ om de lichte toon van de bundel te onderstrepen:

zielig


ziel


tussen geest en beest

was je er maar nooit geweest


opdat ik


als beest zonder geest

of als geest zonder beest


reeds mijzelf was geweest

—-

IMG_7960Stephan Vollenberg, ‘ Berg Baart Muis’, Uitgeverij Nadorst. Prijs: 7,50 euro, 20 p., 11 gedichten. Eerste uitgave in ‘Eendagsvliegreeks’. Nog 19 ezemplaren verkrijgbaar. Zie verder www.uitgeverijnadorst.nl