adverteren?

adverteren?

‘Altijd kansloos neerkletteren op het strand is troostrijk’

Pim te Bokkel: ‘Dit is hoe een storm ontstaat’
Vier jaar heeft Pim te Bokkel over zijn laatste bundel gedaan, ‘Dit is hoe een storm ontstaat’. Maar misschien nog veel langer. “Eindelijk kon ik een paar mooie dichtregels kwijt.”
Door Peter le Nobel
Amsterdam – “Als student zag ik op Texel het beeld van Wolkers, met de dichtregels: ‘Tot hiertoe en niet verder’. Tien jaar heeft het in mijn hoofd gezeten en op de een of andere manier wilde ik ze verwerken in een eigen gedicht.” Het is nu gelukt in ‘Beeld en storm’.
De derde bundel begon in feite jaren terug op een zolderkamer in Amsterdam-Zuidoost, het bed pal bij het computermeubel. ‘s Nachts schreef Pim in een ruk 14 pagina’s achter een zoemend apparaat. Daarna heeft de dichter de tekst voor een hele lange tijd losgelaten. Welgeteld twee zinnen zijn overgebleven voor de laatste bundel. “Ik schreef in te grote lijnen, was te ambitieus, maar zo kwam ik wel op de personage met Storm als naam. Dat was ook mijn eurekamoment. Als je de bundel nu leest, is de persoon minder belangrijk geworden, het natuurgeweld komt er nu veel meer in voor.”
Naast de spreuk van Wolkers overleefde een persoonlijke zin van Pim: ‘Water wil graag samen zijn.’
Voorbijgangers
In de stiltecoupé geen kind
Dat in het gangpad zingt
Geen beweging –
De tijdreizigers wachten
Storm omarmt zijn lunchpakket
en kijkt
terwijl hij harder op zijn tanden bijt
Hij ziet het raam
als de opening in een geraamte
Een kind springt in een straat van glas
Het water dat opspringt verdampt
of belandt in de plassen
Water wil graag samen zijn
De bundel bestaat uit drie delen, over verlangen, de storm die uit jezelf komt en over het jij. “Ik stond er niet zo bewust bij stil. In het eerste deel gaat het vooral om het verlangen waar je niet bij kan. Ik denk aan een beeld van een hond die achter een worst loopt, en die worst hangt aan een touwtje, aan een hengel die een mannetje vasthoudt en hij zit op een karretje. Zo ren je achter verlangen aan. Dat onbereikbaar verlangen en die frustratie zit er heel sterk in. De tweede afdeling gaat vooral over de storm die uit jezelf komt. Het is grappig dat het ‘ik’ verdwijnt in het derde deel. Ik heb het allemaal niet bewust verklaard, maar het gaat over het verlangen naar het opheffen van het idee over jezelf. ‘Ik.’ Dat is iets waar andere mensen verwachtingen bij hebben. Dat laat je los.”
“In dat derde deel gaat het over een storm dat iets is wat in jezelf moet zijn. Jij bent de storm. Jij moet aanvaarden dat je een verlangend wezen bent en dat is altijd de drijvende kracht in jou. De storm is in dat opzicht weer een personage. Een persoon met een storm in zichzelf en een verlangen die een uitweg zoekt, een thema die je ziet in ‘Roltrap’.”
Roltrap
Dit is hoe het gaat:
ik draag je
reiziger
tot je daarboven staat
en bied beneden weer mijn treeplank aan
Ik weet hoe je je voelt vandaag:
het regent
dagen lopen over in elkaar
als de reizigers –
stuk voor stuk reizigers
die omhoog blijven gaan
Soms draagt er één een steen
Soms stop er één
een winegum in zijn mond
en denkt iets minder te bestaan
Je kan me vragen hoe het gaat –
het gaat
het gaat
“Ik denk rationeel. Ik wil alles het liefst in woorden begrijpen, maar soms heb ik een vraag, en is het antwoord waarnaar ik zoek niet altijd woordelijk. Soms verlang je te voelen. Ik herinner mij dat mijn moeder mij afraadde om rode peper te eten; je graaide het in je mond, en vervolgens zit je drie uur jankend op de trap. Die ervaring.”
Eendimensionale brokjes
“Het fijne van poëzie is dat multidimensionale: je speelt met de betekenis. Ik vind het een uitdaging om associaties zo te modelleren dat je een totaalervaring creëert. Je ziet dat in het gedicht ‘Voorbijgangers’. Het verwijst naar Storm in de stiltecoupé, je ziet dat hij daar eenzaam zit, terwijl er een aantal mensen zijn die daar helemaal niet willen zijn. Je ziet dat het pijnlijk wordt, dat hij wegkijkt, en een kind veel liever in de regen springt. De eindregel klinkt als een conclusie, wetenschappelijk, maar die is meer een situatiebeschrijving. Als ik schrijf, zoek ik intuïtief de mooiste oplossing.”
Zon
De zon wordt in het werk van Pim te Bokkel vaak opgevoerd als metafoor voor de poëzie. “Een metafoor in die zin dat de zon ook onbereikbaar is. Met wetenschappelijke taal kom je niet in de buurt van je ervaring. Wat wij per woord zeggen betekent dan maar één ding. In de poëzie kan alles opengetrokken worden. Vooral de onbereikbaarheid van de poëtische ervaring vind ik belangrijk. Daarin schuilt een herbeleving om zo’n ervaring in woorden samen te vatten, terwijl het eendimensionale brokjes zijn in ons dagelijks taalgebruik.”
Zee
En dan de zee, die steeds terugkeert in zijn bundel. “Water heeft me altijd gefascineerd. Achter mijn geboortedorp Aalten was een stuw waar het water stroomde. Maar ik denk ook aan Malta: als je op een klein eiland zit, dan is de zee aan de ene kant vrijheid en aan de andere kant een begrenzing. Vrijheid vanwege het onbelemmerd uitzicht, maar ook begrenzing omdat je daar aan het randje bent, het land houdt op. Daar mag elke gedachte komen en spoelt die weer weg. Het doet er allemaal niet toe. Van Joost Zwagerman heb ik geleerd dat je niks moet achterhouden bij het schrijven. Iets achterhouden is een krampachtigheid, alsof je later nog een boek schrijft dat alle boeken overbodig maakt. Schrijven is totale overgave. De zee geeft zich ook helemaal. Die sprong in het diepe, het vertrouwen in jezelf om je helemaal leeg te schrijven en het vertrouwen dat een zin komt, als een golf op de rand van de zee. Zeker de zee lijkt op een oerwil dat zich manifesteert, maar totaal kansloos neerklettert op het strand. Dat gaat maar door, dat vind ik wel troostrijk. Ik vind het een prachtige plek, de zee.”
—-
Pim te Bokkel, ‘Dit is hoe een storm ontstaat’, Nieuw Amsterdam Uitgevers, 2013. 64 p., ISBN: 9789046815823. Prijs: 17,50 euro. Zie ook www.pimtebokkel.nl
De bundel heeft een ‘layar’: mik met je smartphone op de cover en je krijgt aangename verrassingen cadeau.

Pim te Bokkel: ‘Dit is hoe een storm ontstaat’

Pim te Bokkel. 'Dit is hoe het gaat, ik draag je, reiziger.' Foto: Peter le Nobel

Pim te Bokkel. 'Dit is hoe het gaat, ik draag je, reiziger.' Foto: Peter le Nobel

Door Peter le Nobel
Amsterdam – Vier jaar heeft Pim te Bokkel over zijn laatste bundel gedaan, ‘Dit is hoe een storm ontstaat’. Maar misschien nog veel langer. “Eindelijk kon ik een paar mooie dichtregels kwijt.”
“Als student zag ik op Texel het beeld van Wolkers, met de dichtregels: ‘Tot hiertoe en niet verder’. Tien jaar heeft het in mijn hoofd gezeten en op de een of andere manier wilde ik ze verwerken in een eigen gedicht.” Het is nu gelukt in ‘Beeld en storm’.
De derde bundel begon in feite jaren terug op een zolderkamer in Amsterdam-Zuidoost, het bed pal bij het computermeubel. ‘s Nachts schreef Pim in een ruk 14 pagina’s achter een zoemend apparaat. Daarna heeft de dichter de tekst voor een hele lange tijd losgelaten. Welgeteld twee zinnen zijn overgebleven voor de laatste bundel. “Ik schreef in te grote lijnen, was te ambitieus, maar zo kwam ik wel op de personage met Storm als naam. Dat was ook mijn eurekamoment. Als je de bundel nu leest, is de persoon minder belangrijk geworden, het natuurgeweld komt er nu veel meer in voor.”
Naast de spreuk van Wolkers overleefde een persoonlijke zin van Pim: ‘Water wil graag samen zijn.’
Voorbijgangers
In de stiltecoupé geen kind
Dat in het gangpad zingt
Geen beweging –
De tijdreizigers wachten
Storm omarmt zijn lunchpakket
en kijkt
terwijl hij harder op zijn tanden bijt
Hij ziet het raam
als de opening in een geraamte
Een kind springt in een straat van glas
Het water dat opspringt verdampt
of belandt in de plassen
Water wil graag samen zijn
De bundel bestaat uit drie delen, over verlangen, de storm die uit jezelf komt en over het jij. “Ik stond er niet zo bewust bij stil. In het eerste deel gaat het vooral om het verlangen waar je niet bij kan. Ik denk aan een beeld van een hond die achter een worst loopt, en die worst hangt aan een touwtje, aan een hengel die een mannetje vasthoudt en hij zit op een karretje. Zo ren je achter verlangen aan. Dat onbereikbaar verlangen en die frustratie zit er heel sterk in. De tweede afdeling gaat vooral over de storm die uit jezelf komt. Het is grappig dat het ‘ik’ verdwijnt in het derde deel. Ik heb het allemaal niet bewust verklaard, maar het gaat over het verlangen naar het opheffen van het idee over jezelf. ‘Ik.’ Dat is iets waar andere mensen verwachtingen bij hebben. Dat laat je los.”
“In dat derde deel gaat het over een storm dat iets is wat in jezelf moet zijn. Jij bent de storm. Jij moet aanvaarden dat je een verlangend wezen bent en dat is altijd de drijvende kracht in jou. De storm is in dat opzicht weer een personage. Een persoon met een storm in zichzelf en een verlangen die een uitweg zoekt, een thema die je ziet in ‘Roltrap’.”
Roltrap
Dit is hoe het gaat:
ik draag je
reiziger
tot je daarboven staat
en bied beneden weer mijn treeplank aan
Ik weet hoe je je voelt vandaag:
het regent
dagen lopen over in elkaar
als de reizigers –
stuk voor stuk reizigers
die omhoog blijven gaan
Soms draagt er één een steen
Soms stop er één
een winegum in zijn mond
en denkt iets minder te bestaan
Je kan me vragen hoe het gaat –
het gaat
het gaat
“Ik denk rationeel. Ik wil alles het liefst in woorden begrijpen, maar soms heb ik een vraag, en is het antwoord waarnaar ik zoek niet altijd woordelijk. Soms verlang je te voelen. Ik herinner mij dat mijn moeder mij afraadde om rode peper te eten; je graaide het in je mond, en vervolgens zit je drie uur jankend op de trap. Die ervaring.”
Eendimensionale brokjes
“Het fijne van poëzie is dat multidimensionale: je speelt met de betekenis. Ik vind het een uitdaging om associaties zo te modelleren dat je een totaalervaring creëert. Je ziet dat in het gedicht ‘Voorbijgangers’. Het verwijst naar Storm in de stiltecoupé, je ziet dat hij daar eenzaam zit, terwijl er een aantal mensen zijn die daar helemaal niet willen zijn. Je ziet dat het pijnlijk wordt, dat hij wegkijkt, en een kind veel liever in de regen springt. De eindregel klinkt als een conclusie, wetenschappelijk, maar die is meer een situatiebeschrijving. Als ik schrijf, zoek ik intuïtief de mooiste oplossing.”
Zon
De zon wordt in het werk van Pim te Bokkel vaak opgevoerd als metafoor voor de poëzie. “Een metafoor in die zin dat de zon ook onbereikbaar is. Met wetenschappelijke taal kom je niet in de buurt van je ervaring. Wat wij per woord zeggen betekent dan maar één ding. In de poëzie kan alles opengetrokken worden. Vooral de onbereikbaarheid van de poëtische ervaring vind ik belangrijk. Daarin schuilt een herbeleving om zo’n ervaring in woorden samen te vatten, terwijl het eendimensionale brokjes zijn in ons dagelijks taalgebruik.”
Zee
En dan de zee, die steeds terugkeert in zijn bundel. “Water heeft me altijd gefascineerd. Achter mijn geboortedorp Aalten was een stuw waar het water stroomde. Maar ik denk ook aan Malta: als je op een klein eiland zit, dan is de zee aan de ene kant vrijheid en aan de andere kant een begrenzing. Vrijheid vanwege het onbelemmerd uitzicht, maar ook begrenzing omdat je daar aan het randje bent, het land houdt op. Daar mag elke gedachte komen en spoelt die weer weg. Het doet er allemaal niet toe. Van Joost Zwagerman heb ik geleerd dat je niks moet achterhouden bij het schrijven. Iets achterhouden is een krampachtigheid, alsof je later nog een boek schrijft dat alle boeken overbodig maakt. Schrijven is totale overgave. De zee geeft zich ook helemaal. Die sprong in het diepe, het vertrouwen in jezelf om je helemaal leeg te schrijven en het vertrouwen dat een zin komt, als een golf op de rand van de zee. Zeker de zee lijkt op een oerwil dat zich manifesteert, maar totaal kansloos neerklettert op het strand. Dat gaat maar door, dat vind ik wel troostrijk. Ik vind het een prachtige plek, de zee.”
—-
130602_NA_Dit_is_hoe_een_storm_begint_semidef_brochure.inddPim te Bokkel, ‘Dit is hoe een storm ontstaat’, Nieuw Amsterdam Uitgevers, 2013. 64 p., ISBN: 9789046815823. Prijs: 17,50 euro. Zie ook www.pimtebokkel.nl
De bundel heeft een ‘layar’: mik met je smartphone op de cover en je krijgt aangename verrassingen cadeau.

Reacties gesloten.

adverteren?

Interviews

Debuutbundel Jolanda Oudijk: ‘Zwijgzee’

Jolanda Oudijk: ‘Met mijn gedichten doorbreek ik de stilte.’ Foto: VB Fotografie

Door Peter le Nobel

Amersfoort – Hoe meer mensen betrokken raakten bij haar debuutbundel, des te autobiografischer de bundel ‘Zwijgzee’ van Jolanda Oudijk werd.

Jolies Heij debuteert na jaren dichterschap met ‘Lolita zei…’

Jolies Heij. Haar bundel beschrijft meer dan het opgroeien van een jonge vrouw. (Foto: Peter le Nobel)

Utrecht – Jolies Heij treedt overal in het land op, op poetryslams, voordrachtsbijeenkomsten, tijdens festivals… En sinds 2008 schrijft ze het ene gedicht na het andere. Het is bijzonder dat […]

Aanvankelijk wilde Pom Wolff een ‘best of’ maken van zijn werk tot nu toe, maar het liep anders. ‘Kapotte vogeltjes’ brachten hem op het spoor om 40 gedichten te verdelen over vier boekjes. Gezamenlijk vormen zij het kleinood, of parelsnoer: ‘Een vrouw schrijft een jongen’.
“Ik heb wat met titels die je op meerdere manieren kan […]

Cynthia Stijger Aramburu: ‘Als je geen stempels zet op alles, heb je liefde voor de ander, de natuur en het leven zelf’
Aurora, een familie- en liefdesverhaal dat leest als een detective
Een man en een vrouw die elkaar na vijftig jaar terugzien waarbij de liefde opbloeit als nooit tevoren. Het klinkt als een sprookje. Cynthia Stijger […]

Paul Verhuyck – Inmiddels op aarde
Elf jongens uit een eindexamenklas van een gymnasium. April 1958. De wereld ligt aan hun voeten. Maar toch pleegt de een na de ander later zelfmoord. Soms ligt het er duidelijk bovenop, met een jachtgeweer, soms treedt de dood subtieler in, bijvoorbeeld door in eenzaamheid weg te rotten. Paul Verhuyck […]

Pim te Bokkel: ‘Dit is hoe een storm ontstaat’
Vier jaar heeft Pim te Bokkel over zijn laatste bundel gedaan, ‘Dit is hoe een storm ontstaat’. Maar misschien nog veel langer. “Eindelijk kon ik een paar mooie dichtregels kwijt.”
Door Peter le Nobel
Amsterdam – “Als student zag ik op Texel het beeld van Wolkers, met de dichtregels: […]

Herman Leenders – Dat is wij
Door Peter le Nobel
Utrecht – ‘Als je ophoudt te begrijpen, kun je elkaar beter verstaan.’ Het is een zin die in mij opkomt als ik de klare taal lees van Herman Leenders in zijn nieuwste bundel ‘Dat is wij’. Klare taal met duidelijke beelden, sober opgeschreven, met een meedogenloze helderheid.
De […]