<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Nationaleboekenblog&#187; Interviews</title>
	<atom:link href="http://www.nationaleboekenblog.nl/category/interviews/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.nationaleboekenblog.nl</link>
	<description>Literatuur, boeken, in het nederlandse taalgebied</description>
	<lastBuildDate>Fri, 03 Feb 2012 06:00:46 +0000</lastBuildDate>
	<generator>http://wordpress.org/?v=2.8.1</generator>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
			<item>
		<title>‘Mijn vuurwerk laat ik iedereen zien’</title>
		<link>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/%e2%80%98mijn-vuurwerk-laat-ik-iedereen-zien%e2%80%99/</link>
		<comments>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/%e2%80%98mijn-vuurwerk-laat-ik-iedereen-zien%e2%80%99/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 20 Jan 2012 06:00:53 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interviews]]></category>
		<category><![CDATA[Nazmiye Oral]]></category>
		<category><![CDATA[Zehra]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nationaleboekenblog.nl/?p=6383</guid>
		<description><![CDATA[‘Mijn vuurwerk laat ik iedereen zien’
Nazmiye meandert in ‘Zehra’ tussen schoonheid en rauwheid van het bestaan
Door Peter le Nobel
Amsterdam &#8211; Om het boek Zehra te waarderen moet je je zonder vooringenomenheid mee laten voeren door de meanderende stijl van Nazmiye Oral, zigzaggend tussen de schoonheid en rauwheid van bestaan. Een jong meisje duikt vanuit het [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">‘Mijn vuurwerk laat ik iedereen zien’</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Nazmiye meandert in ‘Zehra’ tussen schoonheid en rauwheid van het bestaan</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Door Peter le Nobel</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Amsterdam &#8211; Om het boek Zehra te waarderen moet je je zonder vooringenomenheid mee laten voeren door de meanderende stijl van Nazmiye Oral, zigzaggend tussen de schoonheid en rauwheid van bestaan. Een jong meisje duikt vanuit het niets in een Turks dorp op. Zehra wordt opgenomen door Havva de lijkenwasser. Maar wie is dat meisje dat de eerste dagen alleen maar slaapt en slaapt en slaapt?</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Het debuut speelt zich helemaal af in Turkije. Onontkoombaar is de conclusie dat het verhaal gebaseerd is op de periode waarin Nazmiye van haar zesde tot en met haar tiende in Gemlik woonde. En opvallend is de enorme aandacht voor spiritualiteit, die in de wereld van de schrijfster net zo goed deel uitmaakt van de realiteit.</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">“Aanvankelijk wilde ik tweehonderd portretten maken, één per pagina. Een mozaïek van Nederland. Dat leek me wel wat. Toen besloot ik te schrijven aan een boek met vijf verhalen, maar bij één verhaal bleef ik steeds hangen, waarin de personages uit de andere verhalen ook voorkwamen. Zo zie je: je kunt dingen niet dicteren, het dicteert zich vanzelf. Alles begint vanuit je levensthema’s, die onderzoek je, wat je ook creërt, of je nu fotograaf, schilder of schrijver bent. Uiteindelijk blijkt dat het verhaal zichzelf schrijft en heb je het maar te volgen.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">“In het boek Zehra gaat het vooral over wat er met je gebeurt als je op je kwetsbaarst bent, als je teveel wordt afgewezen, buiten de maatschappij staat. Je kunt zeggen: ‘Ik ben niks waard, laat maar’ of er staat iets anders in jezelf op: je ware zelf. Ik ben gefascineerd door het verschijnsel dat mensen niet anders kunnen zijn dan wie ze zijn, en toch de grootste moeite hebben om hun authentieke zelf te vinden. Ze doen zich anders voor dan ze zijn en het kost ze ze de grootste moeite, met alle groeipijnen erbij, om tot zichzelf te komen. Ik vind dat gevecht triest, maar tegelijkertijd ook heel mooi.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">“Hoe kun je anders zijn dan wie je bent? En toch zie je heel veel mensen ermee worstelen. Ze zijn bang dat mensen hen verlaten of ze vragen zich af: ‘Mag dat wel?’ Veel mensen durven zich hun eigenwaarde niet toe te staan. Je moet niet hopen op goedkeuring van anderen, je moet je jezelf die waarde toekennen.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">“Ik heb er zelf ook mee geworsteld. Ik moest het perfecte boek schrijven. Daarom ben ik er lang mee bezig geweest. Uiteindelijk realiseerde ik mij dat ik schreef voor mijn eigen plezier, omdat het schrijven klopt voor mij. Uiteindelijk heeft Zehra mij dat opgeleverd. Na het uitkomen van het boek kreeg ik het laatste overgebleven stukje autonomie in mijzelf. Voor de eerste keer stond ik voor iets omdat ik erin geloofde. Ik las alle recensies, bekeek de op- en aanmerkingen om ervan te leren, maar als ik het er niet mee eens was, dacht ik: ‘I don’t give a shit.’ Dat gevoel vind ik heel fijn. Ik heb het nog niet eerder meegemaakt. Het heeft lang geduurd voor ik zo was, omdat ik mezelf heel erg in de weg zat.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">“Tien jaar eerder voelde ik al dat ik in wezen schrijver ben. Dat is mijn levensroute, maar ik vond het ook eng om te schrijven wat ik te zeggen heb. Daarom lijkt me het soms heerlijk om 20 te zijn als je debuteert. Omdat je het lef hebt, maar je je ook vrijer voelt. In dat opzicht ben ik een laatbloeier.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">“Ik kan niet zeggen dat ik trots ben, maar de waarde van mijn inbreng heb ik leren zien. Ik ben milder tegenover mezelf geworden. Ik voel me goed, sterker dan ooit, flexibel, kwetsbaar, open. Niemand kan iets over mezelf zeggen wat ik nog niet weet. Wat je waarde is, wat je blinde vlekken zijn, dat je jezelf niet voorliegt. Dat je terug bij jezelf bent, waar je je aan moet vasthouden.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">“Sinds 2003 schrijf ik een tweewekelijkse column voor de Volkskrant, maar ik ga er binnenkort mee stoppen. Ik ben de krant ontzettend dankbaar dat ik de kans heb gekregen, maar proza is mijn ding. Het is een andere manier om een statement te maken. In plaats van een eigen opinie te schrijven, beschrijf je universele thema’s, breng je duiding aan de mensen, aan de tijd waarin ze leven. Ik vind dat drie miljard keer interessanter.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Familie</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">‘Had ik maar een steen gebaard in plaats van jou. Dan had ik daar nog de strontluiers van je broertje op schoon kunnen slaan bij de beek. Wat moet ik met jou?’ (p. 20)</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">“Ja, enerzijds is het muzikaal behang, ‘Zoon van een ezel’, of ‘Ik heb een steen gebaard’, maar er zit een laag onder; zo’n opmerking lijmt zich toch aan je ziel vast. Je bent niks waard. Ook al klinkt zo’n combinatie van woorden belachelijk, het word je tegelijkertijd wel gezegd. Maar het is en blijft een absurde vloek, zo over the top, heel overdreven. Net als de Turkse uitdrukking: ‘Ik heb van mijn haren een bezem gemaakt’, als een moeder klaagt tegen haar kinderen dat ze zich voor hen heeft opgeofferd. Het hoort bij de zuidelijke cultuur. Aan de ene kant is die verstikkend, en zo dat je ook echt geen lucht meer krijgt. Daar staat tegenover dat je familie echt alles voor je doet. Ze zullen je juist nooit laten stikken. En dat is echt prachtig. Uiteindelijk vindt die ‘steen’ een groep.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">“Ik was laatst bij mijn moeder en het viel me op hoe ze ontzettend graag lacht. In mijn jeugd herinnerde ik me haar als een sombere vrouw, zwaar op de hand, en zo erg dat ik er depressieve gevoelens van kreeg. Ik realiseer me dat ze het zwaar had in die tijd, met vier kinderen, weinig geld en zonder echtgenoot, nu hij al op mijn 21e is overleden. Daarom deed ze zo zoals ze was. Ik ben blij dat ik nu als volwassen vrouw met mildheid op die periode terugkijk. Het is een ander thema in mijn boek: moederliefde. Mijn moeder heeft altijd gedaan wat ze als moeder moest doen: mij onvoorwaardelijk steunen. Mijn vader liet me gaan toen ik het huis uit wilde, studeren. In die tijd was het nogal wat om tegen je Turkse dochter te zeggen: ‘Ga maar.’ En mijn moeder heeft me nooit in de steek gelaten. Dat is onze redding geweest. Je familie kan je verstikken, maar zal je nooit in de steek laten. Daarom voel ik me nu zo ontzettend rijk. Omdat ik dat heel lang niet heb gevoeld, dat er echt van mij wordt gehouden en dat ik ook echt van mijn moeder hou.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Spiritualiteit</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">“Het straatje waar ik bij mijn oma woonde stond ook model voor het straatje waar de personage Havva woont, en zij lijkt ook een beetje op mijn oma. Zij was genezeres van het dorp en kon als enige van het dorp de dagelijkse injecties geven als mensen van het ziekenhuis terugkeerden. Ik kan me nog wel die potten met bloedzuigers herinneren die ik als klein meisje zag. Als kind begrijp je daar niet zoveel van. Mijn moeder heeft voorspellende dromen. Mensen komen bij haar langs, ze spreekt koranverzen uit en dan helpt ze hen met haar helende handen. In Turkije heb ik zelf ook een eerste spirituele ervaring gehad. Daar krijg jeIK als kind de ruimte om in stilte en verveling te zijn. Vroeger IKspeelde je nog echt met modder en takken. Da’s heel goed, dan zak je door de stilte heen. Als ik nu naar mijn kinderen kijk, dan krijgen ze eigenlijk veel te veel prikkels. Bij mij was er geen toezicht, geen referentiekaders van anderen. Ik kroop tussen de spijlen van een hek  door en onder een moerbeiboom wroette ik met mijn handen in de aarde. Ik ervaarde dat de natuur wakker werd. Alles wat stil en leeg leek begon te leven. Ik voelde een verbintenis met alles om mij heen, wij zijn hetzelfde. Ik werd én heel groot én heel klein, voelde me één met alles. Ik keek omhoog en zag een vogel, en in een flits zag ik mezelf beneden als klein meisje, in een wit veld met rode stippen, heel veel margrieten en tussendoor klaprozen. Ik ben mezelf, en ook die vogel. Dat was echt een spirituele ervaring. Ik voelde het als een soort ‘wakkerte’. Klaprozen zijn trouwens nog steeds mijn lievelingsbloemen.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">“Ik ben opgegroeid in het spirituele. Eigenlijk heb ik een hekel aan het woord spiritualiteit, want ik zie het niet als hocus pocus. Voor mij is het net zo gewoon als elk ander huis-tuin-en-keuken ding. Een mens bestaat niet alleen uit vlees en botten. Er is ook gevoel. Het is ook in de wetenschap bewezen dat alle materie in feite uit energie bestaat, ook een tafel en een stoel. Ik vind het ook heel ergerlijk als mensen spiritualiteit in een hoekje zetten als iets wat soft is, iets wat met bloemetjes heeft te maken. Of associëren met verlichting of zien als een soort redding van de wereld. Voor mij is het gewoon keiharde realiteit. Het hoort er gewoon bij. Zo ervaar ik het leven.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Essentie</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">“Je kan de mens zien als een dier, en stel, hij sterft bijna van de honger en heeft een stukje brood in handen, en naast hem zit iemand die ook bijna doodgaat, dan zou je kunnen zeggen dat het logisch is dat hij het stukje zelf in zijn mond steekt. Maar als de essentie door de mens heen waait, of je het nou ziel noemt, de heilige geest of iets dat datgene is waartoe wij in staat zijn… nou, vooruit, laten we het even de ziel noemen, dan is de mens in staat om dat stukje brood aan een ander te geven en zelf het leven te laten. Over dat verschil hebben we het. En over het tweede geval zeg ik: ‘Dat is mijn realiteit.’ Als je die essentie in een hoekje parkeert, dan vind ik dat armoedig en schraal. In dat opzicht schrijf ik niet voor mezelf. Als iets goed is, dan is het als vuurwerk. Ik kan alles kopen en afsteken, maar eenmaal in de lucht is het vuurwerk van ons allemaal, dan zie je de glitters, de motiefjes, de schoonheid. Zo voelt het als ik schrijf en als het klopt voor mijn gevoel. Dat is ook zo mooi van literatuur. Het is van ons allemaal. Literatuur is gestoeld op een grotere, menselijke beweging, thuis te komen, lief te hebben, boven jezelf uit te stijgen.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Zehra, Nazmiye Oral, Uitgeverij De Bezige Bij. ISBN: 9789023457725. Prijs: 16,95 euro.</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Zie ook www.nazmiyeoral.nl</div>
<h3>Nazmiye meandert in ‘Zehra’ tussen schoonheid en rauwheid van het bestaan</h3>
<div>
<div id="attachment_6384" class="wp-caption aligncenter" style="width: 310px"><img class="size-medium wp-image-6384" title="nazmiye" src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/nazmiye-300x199.jpg" alt="Nazmiye Oral: 'Ik voel me goed, sterker dan ooit, flexibel, kwetsbaar, open.' Foto: Peter le Nobel " width="300" height="199" /><p class="wp-caption-text">Nazmiye Oral: &#39;Ik voel me goed, sterker dan ooit, flexibel, kwetsbaar, open.&#39; Foto: Peter le Nobel </p></div>
<p><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div><em>Door Peter le Nobel</em></div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div><strong>Amsterdam &#8211; Om het boek Zehra te waarderen moet je je zonder vooringenomenheid mee laten voeren door de meanderende stijl van Nazmiye Oral, zigzaggend tussen de schoonheid en rauwheid van het bestaan. Een jong meisje duikt vanuit het niets in een Turks dorp op. Zehra wordt opgenomen door Havva de lijkenwasser. Maar wie is dat meisje dat de eerste dagen alleen maar slaapt en slaapt en slaapt?</strong><span id="more-6383"></span></div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>Het debuut speelt zich helemaal af in Turkije. Onontkoombaar is de conclusie dat het verhaal gebaseerd is op de periode waarin Nazmiye van haar zesde tot en met haar tiende in Gemlik woonde. En opvallend is de enorme aandacht voor spiritualiteit, die in de wereld van de schrijfster net zo goed deel uitmaakt van de realiteit.</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>“Aanvankelijk wilde ik tweehonderd portretten maken, één per pagina. Een mozaïek van Nederland. Dat leek me wel wat. Toen besloot ik te schrijven aan een boek met vijf verhalen, maar bij één verhaal bleef ik steeds hangen, waarin de personages uit de andere verhalen ook voorkwamen. Zo zie je: je kunt dingen niet dicteren, het dicteert zich vanzelf. Alles begint vanuit je levensthema’s, die onderzoek je, wat je ook creëert, of je nu fotograaf, schilder of schrijver bent. Uiteindelijk blijkt dat het verhaal zichzelf schrijft en heb je het maar te volgen.”</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>“In het boek Zehra gaat het vooral over wat er met je gebeurt als je op je kwetsbaarst bent, als je teveel wordt afgewezen, buiten de maatschappij staat. Je kunt zeggen: ‘Ik ben niks waard, laat maar’ of er staat iets anders in jezelf op: je ware zelf. Ik ben gefascineerd door het verschijnsel dat mensen niet anders kunnen zijn dan wie ze zijn, en toch de grootste moeite hebben om hun authentieke zelf te vinden. Ze doen zich anders voor dan ze zijn en het kost ze ze de grootste moeite, met alle groeipijnen erbij, om tot zichzelf te komen. Ik vind dat gevecht triest, maar tegelijkertijd ook heel mooi.”</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>“Hoe kun je anders zijn dan wie je bent? En toch zie je heel veel mensen ermee worstelen. Ze zijn bang dat mensen hen verlaten of ze vragen zich af: ‘Mag dat wel?’ Veel mensen durven zich hun eigenwaarde niet toe te staan. Je moet niet hopen op goedkeuring van anderen, je moet je jezelf die waarde toekennen.”</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>“Ik heb er zelf ook mee geworsteld. Ik moest het perfecte boek schrijven. Daarom ben ik er lang mee bezig geweest. Uiteindelijk realiseerde ik mij dat ik schreef voor mijn eigen plezier, omdat het schrijven klopt voor mij. Uiteindelijk heeft Zehra mij dat opgeleverd. Na het uitkomen van het boek kreeg ik het laatste overgebleven stukje autonomie in mijzelf. Voor de eerste keer stond ik voor iets omdat ik erin geloofde. Ik las alle recensies, bekeek de op- en aanmerkingen om ervan te leren, maar als ik het er niet mee eens was, dacht ik: ‘I don’t give a shit.’ Dat gevoel vind ik heel fijn. Ik heb het nog niet eerder meegemaakt. Het heeft lang geduurd voor ik zo was, omdat ik mezelf heel erg in de weg zat.”</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>“Tien jaar eerder voelde ik al dat ik in wezen schrijver ben. Dat is mijn levensroute, maar ik vond het ook eng om te schrijven wat ik te zeggen heb. Daarom lijkt me het soms heerlijk om 20 te zijn als je debuteert. Omdat je het lef hebt, maar je je ook vrijer voelt. In dat opzicht ben ik een laatbloeier.”</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>“Ik kan niet zeggen dat ik trots ben, maar de waarde van mijn inbreng heb ik leren zien. Ik ben milder tegenover mezelf geworden. Ik voel me goed, sterker dan ooit, flexibel, kwetsbaar, open. Niemand kan iets over mezelf zeggen wat ik nog niet weet. Wat je waarde is, wat je blinde vlekken zijn, dat je jezelf niet voorliegt. Dat je terug bij jezelf bent, waar je je aan moet vasthouden.”</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>“Sinds 2003 schrijf ik een tweewekelijkse column voor de Volkskrant, maar ik ga er binnenkort mee stoppen. Ik ben de krant ontzettend dankbaar dat ik de kans heb gekregen, maar proza is mijn ding. Het is een andere manier om een statement te maken. In plaats van een eigen opinie te schrijven, beschrijf je universele thema’s, breng je duiding aan de mensen, aan de tijd waarin ze leven. Ik vind dat drie miljard keer interessanter.”</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div><strong>Familie</strong></div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div><em>‘Had ik maar een steen gebaard in plaats van jou. Dan had ik daar nog de strontluiers van je broertje op schoon kunnen slaan bij de beek. Wat moet ik met jou?’</em> (p. 20)</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>“Ja, enerzijds is het muzikaal behang, ‘Zoon van een ezel’, of ‘Ik heb een steen gebaard’, maar er zit een laag onder; zo’n opmerking lijmt zich toch aan je ziel vast. Je bent niks waard. Ook al klinkt zo’n combinatie van woorden belachelijk, het word je tegelijkertijd wel gezegd. Maar het is en blijft een absurde vloek, zo over the top, heel overdreven. Net als de Turkse uitdrukking: ‘Ik heb van mijn haren een bezem gemaakt’, als een moeder klaagt tegen haar kinderen dat ze zich voor hen heeft opgeofferd. Het hoort bij de zuidelijke cultuur. Aan de ene kant is die verstikkend, en zo dat je ook echt geen lucht meer krijgt. Daar staat tegenover dat je familie echt alles voor je doet. Ze zullen je juist nooit laten stikken. En dat is echt prachtig. Uiteindelijk vindt die ‘steen’ een groep.”</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>“Ik was laatst bij mijn moeder en het viel me op hoe ze ontzettend graag lacht. In mijn jeugd herinnerde ik me haar als een sombere vrouw, zwaar op de hand, en zo erg dat ik er depressieve gevoelens van kreeg. Ik realiseer me dat ze het zwaar had in die tijd, met vier kinderen, weinig geld en zonder echtgenoot, nu hij al op mijn 21e is overleden. Daarom deed ze zo zoals ze was. Ik ben blij dat ik nu als volwassen vrouw met mildheid op die periode terugkijk. Het is een ander thema in mijn boek: moederliefde. Mijn moeder heeft altijd gedaan wat ze als moeder moest doen: mij onvoorwaardelijk steunen. Mijn vader liet me gaan toen ik het huis uit wilde, studeren. In die tijd was het nogal wat om tegen je Turkse dochter te zeggen: ‘Ga maar.’ En mijn moeder heeft me nooit in de steek gelaten. Dat is onze redding geweest. Je familie kan je verstikken, maar zal je nooit in de steek laten. Daarom voel ik me nu zo ontzettend rijk. Omdat ik dat heel lang niet heb gevoeld, dat er echt van mij wordt gehouden en dat ik ook echt van mijn moeder hou.”</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div><strong>Spiritualiteit</strong></div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>“Het straatje waar ik bij mijn oma woonde stond ook model voor het straatje waar de personage Havva woont, en zij lijkt ook een beetje op mijn oma. Zij was genezeres van het dorp en kon als enige van het dorp de dagelijkse injecties geven als mensen van het ziekenhuis terugkeerden. Ik kan me nog wel die potten met bloedzuigers herinneren die ik als klein meisje zag. Als kind begrijp je daar niet zoveel van. Mijn moeder heeft voorspellende dromen. Mensen komen bij haar langs, ze spreekt koranverzen uit en dan helpt ze hen met haar helende handen. In Turkije heb ik zelf ook een eerste spirituele ervaring gehad. Daar kreeg ik als kind de ruimte om in stilte en verveling te zijn. Ik speelde vroeger nog echt met modder en takken. Da’s heel goed, dan zak je door de stilte heen. Als ik nu naar mijn kinderen kijk, dan krijgen ze eigenlijk veel te veel prikkels. Bij mij was er geen toezicht, geen referentiekaders van anderen. Ik kroop tussen de spijlen van een hek  door en onder een moerbeiboom wroette ik met mijn handen in de aarde. Ik ervaarde dat de natuur wakker werd. Alles wat stil en leeg leek begon te leven. Ik voelde een verbintenis met alles om mij heen, wij zijn hetzelfde. Ik werd én heel groot én heel klein, voelde me één met alles. Ik keek omhoog en zag een vogel, en in een flits zag ik mezelf beneden als klein meisje, in een wit veld met rode stippen, heel veel margrieten en tussendoor klaprozen. Ik ben mezelf, en ook die vogel. Dat was echt een spirituele ervaring. Ik voelde het als een soort ‘wakkerte’. Klaprozen zijn trouwens nog steeds mijn lievelingsbloemen.”</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>“Ik ben opgegroeid in het spirituele. Eigenlijk heb ik een hekel aan het woord spiritualiteit, want ik zie het niet als hocus pocus. Voor mij is het net zo gewoon als elk ander huis-tuin-en-keuken ding. Een mens bestaat niet alleen uit vlees en botten. Er is ook gevoel. Het is ook in de wetenschap bewezen dat alle materie in feite uit energie bestaat, ook een tafel en een stoel. Ik vind het ook heel ergerlijk als mensen spiritualiteit in een hoekje zetten als iets wat soft is, iets wat met bloemetjes heeft te maken. Of associëren met verlichting of zien als een soort redding van de wereld. Voor mij is het gewoon keiharde realiteit. Het hoort er gewoon bij. Zo ervaar ik het leven.”</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div><strong>Essentie</strong></div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>“Je kan de mens zien als een dier, en stel, hij sterft bijna van de honger en heeft een stukje brood in handen, en naast hem zit iemand die ook bijna doodgaat, dan zou je kunnen zeggen dat het logisch is dat hij het stukje zelf in zijn mond steekt. Maar als de essentie door de mens heen waait, of je het nou ziel noemt, de heilige geest of iets dat datgene is waartoe wij in staat zijn… nou, vooruit, laten we het even de ziel noemen, dan is de mens in staat om dat stukje brood aan een ander te geven en zelf het leven te laten. Over dat verschil hebben we het. En over het tweede geval zeg ik: ‘Dat is mijn realiteit.’ Als je die essentie in een hoekje parkeert, dan vind ik dat armoedig en schraal. In dat opzicht schrijf ik niet voor mezelf. Als iets goed is, dan is het als vuurwerk. Ik kan alles kopen en afsteken, maar eenmaal in de lucht is het vuurwerk van ons allemaal, dan zie je de glitters, de motiefjes, de schoonheid. Zo voelt het als ik schrijf en als het klopt voor mijn gevoel. Dat is ook zo mooi van literatuur. Het is van ons allemaal. Literatuur is gestoeld op een grotere, menselijke beweging, thuis te komen, lief te hebben, boven jezelf uit te stijgen.”</div>
<div>&#8212;-</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div><img class="alignleft size-full wp-image-6386" title="zehrakaft" src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/zehrakaft.jpg" alt="zehrakaft" width="180" height="288" />Zehra, Nazmiye Oral, Uitgeverij De Bezige Bij. ISBN: 9789023457725. Prijs: 16,95 euro.</div>
<div>Zie ook <a href="http://www.nazmiyeoral.nl" target="_blank">www.nazmiyeoral.nl</a></div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/%e2%80%98mijn-vuurwerk-laat-ik-iedereen-zien%e2%80%99/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>&#8216;Dinosaurusdocent&#8217; uitgerangeerd in denkbeeldig ROC</title>
		<link>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/dinosaurusdocent-uitgerangeerd-in-denkbeeldig-roc/</link>
		<comments>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/dinosaurusdocent-uitgerangeerd-in-denkbeeldig-roc/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 24 Nov 2011 04:00:33 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interviews]]></category>
		<category><![CDATA[Emiel Roemer]]></category>
		<category><![CDATA[Emile Roemer]]></category>
		<category><![CDATA[Geen les meer]]></category>
		<category><![CDATA[Marcel de Jong]]></category>
		<category><![CDATA[ROC]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nationaleboekenblog.nl/?p=6022</guid>
		<description><![CDATA[Docent dinosaurus uitgerangeerd in denkbeeldig ROC
‘Geen les meer’ schurkt tegen onaangename waarheid aan
Door Peter le Nobel
Utrecht – ‘Geen les meer’ is een hilarisch boek over de misstanden van het denkbeeldige ROC Holland, maar gaandeweg groeit het onbehagen als het besef toeslaat dat de voorvallen van onkunde griezelig dicht de waarheid benaderen. En dat ongemak wilde [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Docent dinosaurus uitgerangeerd in denkbeeldig ROC</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">‘Geen les meer’ schurkt tegen onaangename waarheid aan</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Door Peter le Nobel</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Utrecht – ‘Geen les meer’ is een hilarisch boek over de misstanden van het denkbeeldige ROC Holland, maar gaandeweg groeit het onbehagen als het besef toeslaat dat de voorvallen van onkunde griezelig dicht de waarheid benaderen. En dat ongemak wilde Marcel de Jong inderdaad overbrengen.</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">-</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">“Een jaar geleden was ik op een bijeenkomst van een ROC in het noorden van het land”, zegt De Jong, publicist en adviseur van een ROC. “500 docenten kregen te horen dat ze dinosaurussen waren die verouderde lesstof brulden. Toen begon het te ratelen in mijn hoofd. Er was totale verbijstering onder de docenten. Feitelijk werden ze uitgescholden, maar niemand zei iets.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">-</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Docent Hans van Geel van Zorg en Welzijn ziet zich geconfronteerd met een ingrijpende onderwijskundige vernieuwing op zijn ROC. Hij dient niet langer klassikaal les te geven, maar wordt een ‘docent op afstand’. Leerlingen moeten volkomen zelfstandig de lesstof tot zich nemen. Voor ‘just-in-time-information’, als ze echt kennis nodig hebben, kunnen ze zich wenden tot de docent. Wekenlang zit Van Geel in een leeg lokaal en als de resultaten binnenkomen, blijken de opdrachten één groot internet-knip-en plak festijn te zijn.</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">-</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Ook andere zaken zijn griezelig herkenbaar, zoals de kinderachtige benaming van sommige opdrachten, zoals ‘Zoentje erop’, of een zij-instromer die gepromoveerd wordt tot docent en lessen Nederlands geeft, terwijl haar stukken vol zitten met spelfouten. “Als mensen weten dat je over dit onderwerp schrijft, word je wel gevoed met anekdotes.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">-</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Spanning</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">-</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">“Het onderliggend thema van het boek is het spanningsveld tussen de onderwijskundigen en de docenten”, zegt De Jong. “Er is de stroming van het sociaal constructivisme: leerlingen werken vanuit de eigen kennis, in een interpreterende wereld.” Zelf kennis opdoen: daar zit een risico aan, want, zoals Van Geel zegt in het boek: “Het is dwaas om te denken dat leerlingen die nog geen intellectuele bronnen tot hun beschikking hebben zelf kunnen bepalen wat ze moeten leren. Door kennis krijgen ze controle over hun leven en blijven ze niet opgesloten zitten in hun praktische ervaringen. Wij moeten ze de kans geven boven zichzelf uit te stijgen. Maar ons onderwijs houdt ze vast in hun eigen wereld. Ze leren niets anders dan ze al weten en kunnen. Monddode productiewerkers creëren we, gevangen in de ketenen van hun eigen onwetendheid. Een grijze massa niet-wetenden, is dat wat wij willen?”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">-</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Van Geel krijgt in het boek geen gehoor, ook niet als hij een synthese voorstelt. “Da’s ook het punt”, zegt De Jong. “Men graaft zich ontzettend in in het onderwijs. Er is een grote afstand ontstaan tussen onderwijskundigen en docenten. In de discussie wordt ook steeds gezegd dat de wereld verandert en dat het onderwijs mee moet veranderen. Maar dat vind ik een drogredenering.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">-</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Discussie</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">-</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">“Ik maak me zorgen over de ontwikkelingen: onderwijs is voor mij de hoeder van cultuur en van een bepaalde moraal, een verbinding met het verleden, het heden en de toekomst. Alle kinderen moeten daarbij de kans krijgen boven zichzelf uit te stijgen.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">-</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">De Jong wil met dit boek dan ook de discussie over de huidige onderwijskundige ontwikkelingen aanwakkeren. “Jij hebt kennelijk een gevoel van onbehagen, een ander zei: ‘Ik vind het wel herkenbaar zoals het op mijn school eraan toegaat.’ Ik ben blijer met jouw emotie. Met de roman wil ik mensen een bril laten opzetten en om zich heen laten kijken. En dan kunnen ze zelf concluderen of ze bepaalde ontwikkelingen goed vinden of dat dingen voor verbetering vatbaar zijn.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">-</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Vandaag wordt het boek om 19.00 uur overhandigd aan Emile Roemer (fractielieder SP en ex-docent) in Selexyz kooyker, Breestraat 93 in Leiden.</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">&#8212;-</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Marcel de Jong, ‘Geen les meer’, ISBN: 978905452 241 6. Prijs: 17,90 euro. Zie ook www.uitgeverijpassage.nl</div>
<h2>‘Geen les meer’ schurkt tegen onaangename waarheid aan</h2>
<div>
<div id="attachment_6024" class="wp-caption aligncenter" style="width: 310px"><img class="size-medium wp-image-6024" title="HV_Marcel de Jong03" src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/HV_Marcel-de-Jong03-300x205.jpg" alt="Marcel de Jong wil een discussie over de onderwijskundige ontwikkelingen binnen ROC's. (Copyright foto: Henx Fotografie &amp; Uitgeverij Passage)" width="300" height="205" /><p class="wp-caption-text">Marcel de Jong wil een discussie over de onderwijskundige ontwikkelingen binnen ROC&#39;s. (Copyright foto: Henx Fotografie &amp; Uitgeverij Passage)</p></div>
</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div><em>Door Peter le Nobel</em></div>
<div><em><span style="color: #ffffff;">-</span></em></div>
<div><strong>Utrecht &#8211; ‘Geen les meer’ is een hilarisch boek over de misstanden van het denkbeeldige ROC Holland, maar gaandeweg groeit het onbehagen als het besef toeslaat dat de voorvallen van onkunde griezelig dicht de waarheid benaderen. En dat ongemak wilde Marcel de Jong inderdaad overbrengen. </strong><span id="more-6022"></span></div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>“Een jaar geleden was ik op een bijeenkomst van een ROC in het noorden van het land”, zegt De Jong, publicist en adviseur van een ROC. “500 docenten kregen te horen dat ze dinosaurussen waren die verouderde lesstof brulden. Toen begon het te ratelen in mijn hoofd. Er was totale verbijstering onder de docenten. Feitelijk werden ze uitgescholden, maar niemand zei iets.”</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>Docent Hans van Geel van Zorg en Welzijn ziet zich geconfronteerd met een ingrijpende onderwijskundige vernieuwing op zijn ROC. Hij dient niet langer klassikaal les te geven, maar wordt een ‘docent op afstand’. Leerlingen moeten volkomen zelfstandig de lesstof tot zich nemen. Als ze echt kennis nodig hebben, kunnen ze zich wenden tot de docent, voor ‘just-in-time-information’. Wekenlang zit Van Geel in een leeg lokaal en als de resultaten binnenkomen, blijken de opdrachten één groot internet-knip-en plak festijn te zijn.</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>Ook andere zaken zijn griezelig herkenbaar, zoals de kinderachtige benaming van sommige opdrachten, zoals ‘Zoentje erop’, of een zij-instromer die gepromoveerd wordt tot docent en lessen Nederlands geeft, terwijl haar stukken vol spelfouten zitten. “Als mensen weten dat je over dit onderwerp schrijft, word je wel gevoed met anekdotes.”</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div><strong>Spanning</strong></div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>“Het onderliggend thema van het boek is het spanningsveld tussen de onderwijskundigen en de docenten”, zegt De Jong. “Er is de stroming van het sociaal constructivisme: leerlingen werken vanuit de eigen kennis, in een interpreterende wereld.” Zelf kennis opdoen: daar zit een risico aan, want, zoals Van Geel zegt in het boek: <em>“Het is dwaas om te denken dat leerlingen die nog geen intellectuele bronnen tot hun beschikking hebben zelf kunnen bepalen wat ze moeten leren. Door kennis krijgen ze controle over hun leven en blijven ze niet opgesloten zitten in hun praktische ervaringen. Wij moeten ze de kans geven boven zichzelf uit te stijgen. Maar ons onderwijs houdt ze vast in hun eigen wereld. Ze leren niets anders dan ze al weten en kunnen. Monddode productiewerkers creëren we, gevangen in de ketenen van hun eigen onwetendheid. Een grijze massa niet-wetenden, is dat wat wij willen?”</em></div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>Van Geel krijgt in het boek geen gehoor, ook niet als hij een synthese voorstelt. “Da’s ook het punt”, zegt De Jong. “Men graaft zich ontzettend in in het onderwijs. Er is een grote afstand ontstaan tussen onderwijskundigen en docenten. In de discussie wordt ook steeds gezegd dat de wereld verandert en dat het onderwijs mee moet veranderen. Maar dat vind ik een drogredenering.”</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div><strong>Discussie</strong></div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>“Ik maak me zorgen over de ontwikkelingen: onderwijs is voor mij de hoeder van cultuur en van een bepaalde moraal, een verbinding met het verleden, het heden en de toekomst. Alle kinderen moeten daarbij de kans krijgen boven zichzelf uit te stijgen.”</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>De Jong wil met dit boek dan ook de discussie over de huidige onderwijskundige ontwikkelingen aanwakkeren. “Jij hebt kennelijk een gevoel van onbehagen, een ander zei: ‘Ik vind het wel herkenbaar zoals het op mijn school eraan toegaat.’ Ik ben blijer met jouw emotie. Met de roman wil ik mensen een bril laten opzetten en om zich heen laten kijken. En dan kunnen ze zelf concluderen of ze bepaalde ontwikkelingen goed vinden of dat dingen voor verbetering vatbaar zijn.”</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>Vandaag wordt het boek om 19.00 uur overhandigd aan Emile Roemer (fractielieder SP en ex-docent) in Selexyz kooyker, Breestraat 93 in Leiden.</div>
<div><span style="color: #ffffff;">-</span></div>
<div>&#8212;-</div>
<div><img class="alignleft size-medium wp-image-6026" title="Omslag - Geen les meer copy" src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/Omslag-Geen-les-meer-copy-187x300.jpg" alt="Omslag - Geen les meer copy" width="187" height="300" />Marcel de Jong, ‘Geen les meer’, ISBN: 978905452 241 6. Prijs: 17,90 euro. Zie ook <a href="http://www.uitgeverijpassage.nl" target="_blank">www.uitgeverijpassage.nl</a> of <a href="http://geenlesmeer.blogspot.com/" target="_blank">http://geenlesmeer.blogspot.com/</a></div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/dinosaurusdocent-uitgerangeerd-in-denkbeeldig-roc/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>&#8216;Weerstand overwinnen brengt geluk&#8217;</title>
		<link>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/weerstand-overwinnen-brengt-geluk/</link>
		<comments>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/weerstand-overwinnen-brengt-geluk/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 29 Jul 2011 05:12:28 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interviews]]></category>
		<category><![CDATA[De Geluksprofessor]]></category>
		<category><![CDATA[Patrick van Hees]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nationaleboekenblog.nl/?p=5386</guid>
		<description><![CDATA[‘Weerstand overwinnen brengt geluk’
Debuut ‘De Geluksprofessor’ van Patrick van Hees
Utrecht &#8211; Patrick van Hees is een succesvol ondernemer, eerst in dienst, later als zelfstandige, maar met het vallen van elk muntstuk begon hij zich af te vragen: ‘Is dit het dan?’. Hij besloot een roman te schrijven: ‘De Geluksprofessor’, over de zoektocht naar geluk.
“Ik was [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">‘Weerstand overwinnen brengt geluk’</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Debuut ‘De Geluksprofessor’ van Patrick van Hees</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Utrecht &#8211; Patrick van Hees is een succesvol ondernemer, eerst in dienst, later als zelfstandige, maar met het vallen van elk muntstuk begon hij zich af te vragen: ‘Is dit het dan?’. Hij besloot een roman te schrijven: ‘De Geluksprofessor’, over de zoektocht naar geluk.</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">“Ik was al heel lang met het onderwerp bezig”, zegt Van Hees. “Vijf jaar geleden begon ik er al over na te denken. Ik wilde er geen zelfhulpboek van maken, omdat je daarmee slechts een beperkt publiek bereikt. De meeste mensen willen toch liever een verhaal lezen.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">De roman speelt zich grotendeels af in Cambridge. Cuno Groen is een succesvolle marketingprofessor aan de Universiteit van Nyenrode. Als hij voor een bestuursfunctie wordt gepasseerd en zijn vriendin hem inruilt voor een ander, dan valt zijn leven in duigen. Een goede vriendin wijst hem erop dat hij tijdens lezingen, op de universiteit en in artikelen teveel zijn verhaaltje afdraait. De bevlogenheid van de professor is er een beetje uit. Hij besluit naar Cambridge te gaan, waar hij bijzondere vrienden ontmoet, onder wie een nazaat van Darwin. Daar ontdekt hij night climbing, het ‘s nachts beklimmen van gebouwen –en het geluk.</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Het is een spannend verhaal, rijk aan wijsgerige citaten, en aan het eind krijgt het zelfs vormen van een thriller, inclusief een persoonsverwisseling bij een overledene. Opvallend is dat Groen tot drie keer toe te maken heeft met tegenstrevers, die hem het leven zo zuur mogelijk willen maken. “Het is niet toevallig. Als je weerstand, een slechte periode of jezelf overwint dan geeft dat voldoening, als impuls aan je geluksgevoel. In het begin zie je Cuno ook terugvechten, maar later staat hij erboven. Hij corrigeert wel mensen, maar begint zoveel mogelijk geweld te vermijden. In feite maakt hij zo een innerlijke groei door.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Ook night climbing is een metafoor van weerstand overwinnen. “Het is een eeuwenoude traditie en er zijn verschillende boeken over uitgekomen. De studenten waren verplicht om op de campus te slapen. Somigen kwamen te laat en moesten klimmen. Daar is een hele sport uit voortgekomen. Cambridge heeft zelfs bergbeklimmers voortgebracht die later onder meer de Mount Everest hebben bedwongen.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">‘Road to Happiness’</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Net als in het boek heeft Van Hees talloze boeken en deskundigen geraadpleegd, “en ik heb gesproken met willekeurige mensen over geluk. Maar hoe meer je erover leest, hoe ingewikkelder het wordt. Uiteindelijk wilde ik toch de complexiteit voorbij en geluk samenvatten in een zinnetje.” Het werd ‘The Road to Happiness’ met drie wegwijzers: doelen, mensen, oplaadpunten. “Doelen moet je zowel voor de korte als lange termijn stellen, en ze moeten van binnenuit komen. Je ziet al te vaak mensen die een bepaald beroep uitoefenen omdat de familie hen dat heeft opgelegd. En je doelen behalen na er eerst moeite voor te hebben gedaan, versterkt het geluksgevoel. Je ziet vaak bij loterijwinnaars dat ze na een jaar weer even gelukkig zijn als daarvoor of juist minder. Ten tweede zijn goede gesprekken met mensen belangrijk. Daarbij moet je het ook eerlijk kunnen hebben over je twijfels en onzekerheden. Ook dat draagt bij aan het geluksgevoel. En ‘oplaadpunten’: ja, dat heb ik maar even zo genoemd, omdat ik graag de metafoor van de telefoon gebruik. We letten erop of de batterij niet leeg is, maar hoe vaak stellen mensen zich de vraag: ‘Ben ik zelf wel voldoende opgeladen?’ Je moet ook tijd nemen om te ontspannen, dat is net zo belangrijk als inspanning. Daar nemen we in deze haastige tijden geen gelegenheid voor.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">“Ik moet zeggen: alleen al aan het onderzoek heb ik veel plezier beleefd, vooral aan het praten met verschillende mensen. Alleen dit al gaf een enorme impuls aan mijn geluksgevoel, ook al zou ik later geen een exemplaar van het boek hebben verkocht.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Ideeën</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Het lijkt er echter op dat Van Hees zich over de verkoop geen zorgen hoeft te maken. Hij merkt nu al dat hij het steeds drukker krijgt. Zo spreekt hij al voor diverse organisaties, binnenkort ook voor het Geldmuseum, en is hij te zien op de Manuscripta in september. Het Sociaal Cultureel Planbureau van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft hem zelfs uitgenodigd voor een werkconferentie over geluk in het najaar.</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">Van Hees wil meerdere boeken schrijven, maar op dit moment zijn er nog tal van ideeën naar aanleiding van dit boek. “Zo overweeg ik om samen met een coach een driedaagse retraite over geluk in Cambridge te organiseren, denk ik aan een werkboek over geluk, aan seminars en zelfs aan een kaartspel. Ja, inderdaad, ik werk het idee meteen aan alle kanten uit. Dat is de aard van het beestje, maar ik wil ook echt iets overbrengen. Dat geeft mij een kick.”</div>
<div id="_mcePaste" style="position: absolute; left: -10000px; top: 0px; width: 1px; height: 1px; overflow-x: hidden; overflow-y: hidden;">‘De Geluksprofessor’, Patrick van Hees. Uitgeverij Summerhill, 253 p. ISBN: 9789491162015. Prijs: 18,95 euro. Verkrijgbaar in de boekhandel of te bestellen via www.geluksprofesor.nl of www.patrickvanhees.com</div>
<h3>Debuut ‘De Geluksprofessor’ van Patrick van Hees</h3>
<p><div id="attachment_5391" class="wp-caption aligncenter" style="width: 291px"><img class="size-medium wp-image-5391" title="de geluksprofessor cover achterkant[1][1]" src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/de-geluksprofessor-cover-achterkant11-281x300.jpg" alt="Cambridge vormde voor Patrick van Hees een belangrijke inspiratiebron voor zijn boek. Foto: Maurice Mikkers" width="281" height="300" /><p class="wp-caption-text">Cambridge vormde voor Patrick van Hees een belangrijke inspiratiebron voor zijn boek. Foto: Maurice Mikkers</p></div><em>Door Peter le Nobel</em></p>
<p><strong>Utrecht &#8211; Patrick van Hees is een succesvol ondernemer, eerst in dienst, later als zelfstandige, maar met het vallen van elk muntstuk begon hij zich af te vragen: ‘Is dit het dan?’ Hij besloot een roman te schrijven: ‘De Geluksprofessor’, over de zoektocht naar geluk.<span id="more-5386"></span><br />
</strong></p>
<p>“Ik was al heel lang met het onderwerp bezig”, zegt Van Hees. “Vijf jaar geleden begon ik er al over na te denken. Ik wilde er geen zelfhulpboek van maken, omdat je daarmee slechts een beperkt publiek bereikt. De meeste mensen willen toch liever een verhaal lezen.”</p>
<p>De roman speelt zich grotendeels af in Cambridge. Cuno Groen is een succesvolle marketingprofessor aan de Universiteit van Nyenrode. Als hij voor een bestuursfunctie wordt gepasseerd en zijn vriendin hem inruilt voor een ander, dan valt zijn leven in duigen. Een goede vriendin wijst hem erop dat hij tijdens lezingen, op de universiteit en in artikelen teveel zijn verhaaltje afdraait. De bevlogenheid van de professor is er een beetje uit. Hij besluit naar Cambridge te gaan, waar hij bijzondere vrienden ontmoet, onder wie een nazaat van Darwin. Daar ontdekt hij night climbing, het ‘s nachts beklimmen van gebouwen –en het geluk.</p>
<p>Het is een spannend verhaal, rijk aan wijsgerige citaten, en aan het eind krijgt het zelfs vormen van een thriller, inclusief een persoonsverwisseling bij een overledene. Opvallend is dat Groen tot drie keer toe te maken heeft met tegenstrevers, die hem het leven zo zuur mogelijk willen maken. “Het is niet toevallig. Als je weerstand, een slechte periode of jezelf overwint dan geeft dat voldoening, als impuls aan je geluksgevoel. In het begin zie je Cuno ook terugvechten, maar later staat hij erboven. Hij corrigeert wel mensen, maar begint zoveel mogelijk geweld te vermijden. In feite maakt hij zo een innerlijke groei door.”</p>
<p>Ook night climbing is een metafoor van weerstand overwinnen. “Het is een eeuwenoude traditie en er zijn verschillende boeken over uitgekomen. De studenten waren verplicht om op de campus te slapen. Somigen kwamen te laat en moesten klimmen. Daar is een hele sport uit voortgekomen. Cambridge heeft zelfs bergbeklimmers voortgebracht die later onder meer de Mount Everest hebben bedwongen.”</p>
<p><strong>‘Road to Happiness’</strong></p>
<p>Net als in het boek heeft Van Hees talloze boeken en deskundigen geraadpleegd, “en ik heb gesproken met willekeurige mensen over geluk. Maar hoe meer je erover leest, hoe ingewikkelder het wordt. Uiteindelijk wilde ik toch de complexiteit voorbij en geluk samenvatten in een zinnetje.” Het werd ‘The Road to Happiness’ met drie wegwijzers: doelen, mensen, oplaadpunten. “Doelen moet je zowel voor de korte als lange termijn stellen, en ze moeten van binnenuit komen. Je ziet al te vaak mensen die een bepaald beroep uitoefenen omdat de familie hen dat heeft opgelegd. En je doelen behalen na er eerst moeite voor te hebben gedaan, versterkt het geluksgevoel. Je ziet vaak bij loterijwinnaars dat ze na een jaar weer even gelukkig zijn als daarvoor of juist minder. Ten tweede zijn goede gesprekken met mensen belangrijk. Daarbij moet je het ook eerlijk kunnen hebben over je twijfels en onzekerheden. Ook dat draagt bij aan het geluksgevoel. En ‘oplaadpunten’: ja, dat heb ik maar even zo genoemd, omdat ik graag de metafoor van de telefoon gebruik. We letten erop of de batterij niet leeg is, maar hoe vaak stellen mensen zich de vraag: ‘Ben ik zelf wel voldoende opgeladen?’ Je moet ook tijd nemen om te ontspannen, dat is net zo belangrijk als inspanning. Daar nemen we in deze haastige tijden geen gelegenheid voor.”</p>
<p>“Ik moet zeggen: alleen al aan het onderzoek heb ik veel plezier beleefd, vooral aan het praten met verschillende mensen. Alleen dit al gaf een enorme impuls aan mijn geluksgevoel, ook al zou ik later geen een exemplaar van het boek hebben verkocht.”</p>
<p><strong>Ideeën</strong></p>
<p>Het lijkt er echter op dat Van Hees zich over de verkoop geen zorgen hoeft te maken. Hij merkt nu al dat hij het steeds drukker krijgt. Zo spreekt hij al voor diverse organisaties, binnenkort ook voor het Geldmuseum, en is hij te zien op de Manuscripta in september. Het Sociaal Cultureel Planbureau van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft hem zelfs uitgenodigd voor een werkconferentie over geluk in het najaar.</p>
<p>Van Hees wil meerdere boeken schrijven, maar op dit moment zijn er nog tal van ideeën naar aanleiding van dit boek. “Zo overweeg ik om samen met een coach een driedaagse retraite over geluk in Cambridge te organiseren, denk ik aan een werkboek over geluk, aan seminars en zelfs aan een kaartspel. Ja, inderdaad, ik werk het idee meteen aan alle kanten uit. Dat is de aard van het beestje, maar ik wil ook echt iets overbrengen. Dat geeft mij een kick.”</p>
<p>&#8212;-</p>
<p><img class="alignleft size-full wp-image-5389" title="kaftgeluksprofessor" src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/kaftgeluksprofessor.jpg" alt="kaftgeluksprofessor" width="98" height="134" />‘De Geluksprofessor’, Patrick van Hees. Uitgeverij Summerhill, 253 p. ISBN: 9789491162015. Prijs: 18,95 euro. Verkrijgbaar in de boekhandel of te bestellen via <a href="http://www.geluksprofessor.nl" target="_blank">www.geluksprofessor.nl</a> of <a href="http://www.patrickvanhees.com" target="_blank">www.patrickvanhees.com</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/weerstand-overwinnen-brengt-geluk/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>De vrouwelijke kant van het goddelijke</title>
		<link>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/de-vrouwelijke-kant-van-het-goddelijke/</link>
		<comments>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/de-vrouwelijke-kant-van-het-goddelijke/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 10 Jun 2011 05:28:40 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interviews]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nationaleboekenblog.nl/?p=5168</guid>
		<description><![CDATA[Geert Kimpen: ‘Het mysterie van de liefde is elkaar versterken’
<p> </p>
<p class="wp-caption-text">&#34;In het jodendom beschouwen ze de Thora als een bruid die uitgekleed moet worden&#34;, zegt Geert Kimpen. Foto: Peter le Nobel</p>
<p>Door Peter le Nobel </p>
<p>Bodegraven &#8211; ‘Rachel, of het mysterie van de liefde’, is de nieuwe bestseller van Geert Kimpen. Het boek was nog geen [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<h3>Geert Kimpen: ‘Het mysterie van de liefde is elkaar versterken’</h3>
<p><em> </em></p>
<div id="attachment_5177" class="wp-caption aligncenter" style="width: 209px"><img class="size-medium wp-image-5177" title="GeertKimpenFoto" src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/GeertKimpenFoto-199x300.jpg" alt="&quot;In het jodendom beschouwen ze de Thora als een bruid die uitgekleed moet worden&quot;, zegt Geert Kimpen. Foto: Peter le Nobel" width="199" height="300" /><p class="wp-caption-text">&quot;In het jodendom beschouwen ze de Thora als een bruid die uitgekleed moet worden&quot;, zegt Geert Kimpen. Foto: Peter le Nobel</p></div>
<p><em>Door Peter le Nobel </em></p>
<p><strong>Bodegraven &#8211; ‘Rachel, of het mysterie van de liefde’, is de nieuwe bestseller van Geert Kimpen. Het boek was nog geen week uit of stond al meteen nummer 1 in de Libris Top Tien, en dat terwijl kabbalisme en apocriefe geschriften niet voor iedereen zijn weggelegd. Maar: liefde en de vrouwelijke, seksuele kant van het goddelijke voeren de boventoon in de laatste roman, met Maria als tempelpriesteres en een joods meisje uit Praag dat zich losmaakt van haar vader, om meteen in handen te vallen van een valse katholieke priester. “Het is steeds een afweging om opnieuw aan een boek te beginnen”, zegt Kimpen, maar na elke vervloeking volgt steevast vertrouwen.</strong><span id="more-5168"></span></p>
<p>“Rachel, of het mysterie van de liefde is gebaseerd op een verhaal van de kabbalistische rabbi Loew uit de zestiende eeuw. Hij heeft heel veel verhalen geschreven. In een daarvan komt Rachel voor, maar niet als hoofdpersoon. Het is een joods meisje dat in een wijnhandel opgroeit, maar ze heeft een vader en een moeder. En er is inderdaad een katholieke priester Thaddeus die haar van het jodendom wil losweken. Het is niet duidelijk of hij echt bestaan heeft. Hij kan ook een personage zijn die symbool staat voor het ‘katholieke kwaad’. In Praag was in die tijd een ongelooflijke strijd tussen katholieken en joden. De katholieken wilden de joden er eigenlijk uitwerken: voor de bouw van hun kathedralen hadden ze veel leningen tegen hoge rentes bij hen lopen en je had het religieus sentiment dat de joden Christus vermoord hebben. Het werd de joden heel moeilijk gemaakt: ze leefden in een ghetto en moesten een gele cirkel op hun kleren dragen als ze daarbuiten kwamen. Je ziet dus dat de geschiedenis zich steeds herhaalt, als een ronddraaiend wiel.”</p>
<p>Kimpen is dan ook gefascineerd door de ongelooflijke veerkracht van het joodse volk. “Misschien juist wel door die hele geschiedenis van vervolging, waarbij de sterken steeds overleven.” En al die eeuwen is de religie en de cultuur in stand gebleven. “In de bijbel wordt wel gerept over de twaalf stammen van Israël, die ooit weer naar het beloofde land terugkeren, en over de hele wereld zie je joden herkenbaar terug. Zo gebruiken de Falasha in Ethiopië eeuwenoude joodse rituelen. Het zit ook heel erg in de traditie dat je met een joods iemand moet trouwen.”</p>
<p>“Wat mij heel erg opvalt is dat het jodendom geen bekeringsdrift heeft zoals andere godsdiensten. Integendeel, er is zelfs een zeker wantrouwen om buitenstaanders toe te laten. Er is  de gedachte dat je eigenlijk van jongsafaan joods moet zijn opgevoed om het jodendom te begrijpen. De joden hebben ongelooflijk veel filosofieën over elk aspect van het leven, en heel veel rituelen en regels. Als kind krijg je dat met de borst ingezogen. Als je je dan later tot het jodendom bekeert, dan moet je van heel goede huize komen om volledig geaccepteerd te worden.”</p>
<p><strong>Tempelpriesteres</strong></p>
<p>Voor het boek bestudeerde Kimpen verschillende apocriefe geschriften, de verhalen die het Concilie van Nicea in de vierde eeuw niet hebben overleefd en dus niet als officiële verhalen in de bijbel zijn opgenomen. Volgens een van de verhalen was Maria helemaal geen maagd, maar een tempelpriesteres, die mannen inwijdde in de heiligheid van de liefde, door seks. Jezus zou geboren zijn na een verkrachting door een Romeinse soldaat. “Dit zal voor christenen enorm schokkend zijn, maar wat hen misschien ook kan shockeren, is dat de bijbel in feite puur een stemmenronde is geweest. Het ene verhaal is door de kerkvaders goedgekeurd, en het andere in de ban gedaan, ook uit politieke motieven. Als je de apocriefe geschriften leest, dan lees je daar verhalen die net zo discutabel kunnen zijn als de officiële, maar je vindt er ook waardevolle dingen.”</p>
<p>Kimpen wil niet in de valkuil trappen dat juist de verboden verhalen allemaal waar zijn. “Zo zou Maria Magdalena getrouwd zijn geweest met Jezus, maar dat is op maar een enkele zin gebaseerd: ze gaf hem een kus. Ik wil me wel bewaken dat ik me niet gek laat maken door meteen dat ene zinnetje heilig te verklaren. Ik probeer net zo serieus naar de heilige teksten te kijken als naar de apocriefe. In de laatste zijn de verhalen wel serieuzer en menselijker.</p>
<p><em>‘Waarom staat dit verhaal niet in de heilige geschriften, priester? Waarom hebben de kerkvaders het in de ban gedaan? Het zijn harde verhalen maar ze maken Maria en Jezus wel zoveel menselijker. Het geeft hun karakter, achtergrond.’</em></p>
<p><em>‘De mensen willen een groots voorbeeld, Ladislaus’, zuchtte Thaddeus. ‘Niet iemand in wie ze zich herkennen, maar iemand die boven hen staat. Een moeder en zoon van God. Het is ondenkbaar dat deze bijzondere mensen één van hen zouden kunnen zijn. Want dan zouden ze met hun eigen onvermogen geconfronteerd worden. Als ze zouden begrijpen dat Jezus’ boodschap was dat we allemaal zonen en dochters van God waren, dan zou dat een enorme verantwoordelijkheid op ieders schouders leggen. En daar zijn de mensen bang voor. Ze zoeken liever een oplossing buiten zichzelf.’</em> (p. 265)</p>
<p><strong>Seks</strong></p>
<p>Als Maria een tempelpriesteres was geweest, dan is het des te opvallender hoezeer de seksuele kant van het leven uit het Christendom is gebannen. Ook Kimpen kent voorbeelden dicht bij huis. “Ik zat tot mijn vijftiende of zestiende op een katholieke jongensschool. Meisjes waren voor mij godinnen.” Op zijn verzoek plaatsten zijn ouders hem op een gemengde school, waar hij uiteindelijk zonder rood hoofd weer met vrouwen kon omgaan. En zijn tante in het klooster, ‘Tante Nonneke’, kreeg na een hersenverlamming op hoge leeftijd de ene gruwelijke nachtmerrie na de andere. “Zo droomde ze dat het gordijn rond haar bed zich oprolde tot een speer en haar vagina doorboorde. Ik denk dat door die hersenbloeding een sluis werd geopend en alles wat zij aan verlangen onderdrukt had in een keer naarbuiten kwam.”</p>
<p>In het vroege Christendom bestonden verschillende gemeenten. Je kon niet dichter bij God komen dan door liefde te bedrijven met een vrouw. “Een aantal kerkvaders waren zelf lid van die gemeenten. Je kunt hun ooggetuigeverslagen lezen, die felle polemieken waren tegen deze praktijken. Maar hoe feller ze schreven, hoe meer details je te weten komt. Ze waren dikwijls verstoten, ook door vrouwen. Ik denk dat ze met pek en veren uit die gemeenten zijn weggehoond, omdat ze er seksueel niks van bakten. Zo voelden ze zich tot in hun ziel gekrenkt. Maar als je die rituelen leest, dan ging het ver: zo smeerden ze zich elkaar in met menstruatiebloed en sperma. Daar is later de wijn en het brood uit voortgekomen tijdens de Eucharistieviering, die in niets meer aan de oude rituelen herinnert. Alles is geschrapt tijdens het Concilie van Nicea. Zoals je inderdaad zegt zou je de bijbel in dat opzicht kunnen zien als een afgewezen minnaar.”</p>
<p>“In het jodendom komt de vrouwelijke kant van God wel naar voren. Ze beschouwen de Thora ook als een bruid die letterlijk uitgekleed moet worden, een sensuele bruid die zich in doorzichtige sluiers heeft gehuld. Je leest de verhalen en moet ze eraf pellen tot je de naakte waarheid ontdekt.”</p>
<p><strong>Kabbalisme</strong></p>
<p>Drie grote romans heeft Kimpen nu geschreven: De Kabbalist, De Geheime Newton en Rachel, of het mysterie van de liefde. Bij elk boek wordt de schrijver op de proef gesteld, waarbij zijn ambitie echter altijd overwint.</p>
<p>“Bij de geboorte van mijn dochter Zonneke realiseerde ik mij dat ik nooit overtuigend tegen haar kon zeggen dat ze haar dromen moet waarmaken als ik dat zelf niet zou doen. Vandaar mijn radicale keuze voor het schrijversschap.”</p>
<p>Om zijn gedachten te bepalen schreef hij een brief aan God. De brief bleef in de computer zitten. Niemand las het. De volgende dag, uit het niets, kreeg hij een uitnodiging van een kabbalaleraar om bijeenkomsten over het kabbalisme te volgen. De Kabbala is de analyse van de Thora (de eerste vijf boeken van het Oude Testament), waarbij op filosofische wijze naar de diepere betekenislagen onder de teksten wordt gezocht. Op een gegeven moment zei hij: ‘Iemand hier zal een boek over het kabbalisme schrijven.’ Kimpen stapte op de leraar af en vroeg of hij hem bedoelde. De leraar gaf geen antwoord, maar een paar dagen later kreeg de schrijver in spe materiaal over het kabbalisme, wat hem inspireerde tot zijn eerste boek.</p>
<p>“De eerste versie stuurde ik naar hem op om na te laten kijken en daarna ging ik op vakantie. Toen ik terugkwam zag ik het boek gedrukt en wel op de deurmat liggen, met zijn naam erop. Ik dacht dat ik door de grond ging. Ik stond er in totale verbijstering, het was de hel. Alles had ik voor het schrijversschap opgegeven. Het was een soort omgekeerde vadermoord: het was je held, je leraar, die dan op zo’n manier een dolk in je rug steekt. Het bijzondere was echter dat zich hiermee een verhaal voltrok dat zich vierhonderd jaar geleden afspeelde. Hij vond dat hij mij had geïnspireerd en dat hij mij in feite had gedicteerd bij het schrijven van het boek. In een telefoongesprek zei hij ook dat deze gebeurtenis de reïncarnatie is van het verhaal uit de zestiende eeuw dat opnieuw geleefd moest worden. Ik kon twee dingen doen: of de handdoek in de ring gooien of erom vechten. Ik besloot het laatste te doen, en dat is het positieve ervan: deze streek gaf mij de kracht om mijn dromen door te zetten. Mijn vrouw stond helemaal achter mij. ‘Al moeten we in een caravan slapen vanwege de advocaatkosten, ik wil dat je je droom waar maakt’, heeft zij gezegd.”</p>
<p>“Het is uiteindelijk niet gekomen tot een kort geding. Zijn advocaat belde mij dat de cliënt er voor honderd procent van overtuigd is dat het zijn boek is, maar ook beseft dat de wetten van de rechtbank niet de wetten van de kabbala zijn. Het is waar dat hij mij heeft geïnspireerd. Ik ben hem daar tot op de dag van vandaag erkentelijk voor. Ik vraag me af of het nou echt een rattenstreek was of dat hij dit bewust heeft gedaan om mij een schop onder de kont te geven. Maar na deze ruzie heb ik die vraag nooit meer kunnen stellen.”</p>
<p><strong>Onzeker</strong></p>
<p>De gebeurtenis maakte Kimpen wel onzeker. “Bij het tweede boek vroeg ik me wel af: ‘Kan ik het wel?’ Ik stond er voor mijn gevoel alleen voor. Ik was bang dat ik vanuit mezelf niets meer te melden zou hebben, dat alles als een plumpudding in elkaar zou zakken. Die angst was wel groot geweest.”</p>
<p>Toch kwam zijn tweede boek er gewoon, “maar een enge rabbi heeft mij daarop wel vervloekt. Hij heeft me laten inzien dat het zinnig was wat de eerste rabbi heeft gedaan. Hij zei: ‘Kijk eens wat voor kracht hij in jou wakker heeft gemaakt.’ Maar hij vond wel dat ik al mijn opbrengsten moest schenken aan die rabbi, anders zou er iets vreselijks gebeuren met mijn dochter. Dat is de andere kant van de kabbala: het is een prachtige filosofie, maar er zijn ook mensen die er op een enge manier mee omgaan.”</p>
<p><strong>Juweel</strong></p>
<p>En ook het laatste boek bracht een gebeurtenis met zich mee wat de schrijver niet in de koude kleren is gaan zitten. “Wij raakten bevriend met een joodse zangeres. Zij trad op tijdens de lezingen van mij en mijn vrouw. Ik merkte dat ze steeds meer doordrong in ons leven, met heel veel e-mails en telefoontjes, tot op het vervelende af. Na een lezing in Eindhoven brachten we haar naar huis. Zij heeft aan mijn vrouw een kabbalistisch juweel geschonken, een mooie halsband. Al snel kreeg mijn vrouw last van haaruitval, met plukken ging haar haar eraf. We lieten allerlei medische onderzoeken doen. We begrepen er niets van. Mijn vrouw leeft heel gezond. Op een gegeven moment gingen wij met de halsband naar een rabbi. Het juweel werd heet in zijn handen. Hij heeft een tegenspreuk uitgesproken en het juweel werd teruggestuurd. Wij moesten een speciale steen uit Tsfat in brand steken, een dorpje in Israël dat in de kabbala heel belangrijk is. Met die rokende steen moesten wij door het hele huis lopen. Het stonk enorm, maar de vervloeking was gebroken. Het zijn dingen waar je helemaal niks mee hebt, maar ze overkomen je. Het vergt veel van je. Ik denk dat dit alles ook voortkomt vanuit de gedachte: ‘Waar hou jij je mee bezig? Dit is van ons.’ Je ziet het vooral bij streng gelovige joden, terwijl ik ook joodse lezers heb die weinig aan hun geloof doen en dan na lezing van een boek van een oude katholiek zeggen: ‘Ik wist niet dat we zo’n mooi geloof hadden.’ Het is wel steeds een afweging om opnieuw aan een boek te beginnen, maar ook als ik er niet meer over zou schrijven, zou ik de kabbala wel blijven bestuderen.”</p>
<p>Uiteindelijk wil Kimpen schrijven over de jonge jaren van Jezus, waar in de apocriefe geschriften veel over is te vinden. “Ik weet niet of dat al mijn volgende boek wordt, want er is veel research voor nodig, je moet heel veel bronnen raadplegen, maar je leest de meest fantastische verhalen. Daaruit blijkt dat er ook een naar kantje aan Jezus zit. Zo zou hij tijdens een ruzie zijn vriendjes hebben dood gebliksemd, maar in de bijbel zelf lees je heel weinig over zijn leven als jongeman.”</p>
<p><strong>‘Het mysterie van de liefde’</strong></p>
<p>Naast boeken schrijven geeft Geert Kimpen ook in het hele land lezingen. Nieuw zijn de bijeenkomsten ‘Het mysterie van de liefde’. “Bij het signeren van mijn vorig boek vroeg ik altijd: ‘Wat is je levensmissie?’ De helft wil een zielsverwant zoeken. Dat is echt opvallend. Het zijn allemaal prachtige mannen en vrouwen tussen de 30 en 50 jaar. Er is helemaal niks mis met hen. Ze hebben allemaal een baan, een huis, en ze vinden niemand om mee samen te leven. Daar moeten wetmatigheden aan ten grondslag liggen. In Rachel heb ik ze impliciet verwerkt, maar in mijn lezingen heb ik ze meer praktisch gemaakt. Het komt erop neer dat je lust niet met liefde moet verwarren. Je kunt houden van een strandwandeling of samen een glaasje wijn drinken, maar het komt erop neer dat je een gemeenschappelijke levensmissie hebt. Anders kun je het wel schudden. Een relatie kan een paar maanden duren, of een paar jaar, maar je groeit uit elkaar. Je ziet het vaak op datingsites: hij moet humor hebben, goed gekleed, een leuke baan hebben, maar het gaat om: wie ben je eigenlijk? Wat drijft je in het leven? Dat kan elke vorm aannemen, maar het komt erop neer dat je elkaar versterkt, en ook elkaar de ruimte geeft in hun passies. De meeste mensen knippen elkaar’s vleugels. Je moet ieder’s mogelijkheden in elkaar ontdekken, en het is ook liefde als je een ander de tijd en ruimte geeft om de passie in zichzelf te ontdekken en daarin een blind vertrouwen te hebben.”</p>
<p>&#8212;-</p>
<p><img class="alignright size-medium wp-image-5178" title="boek-rachel2" src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/boek-rachel21-188x300.jpg" alt="boek-rachel2" width="188" height="300" />Geert Kimpen, ‘Rachel, of het mysterie van de liefde’, Uitgeverij De Arbeiderspers, ISBN: 978029572996, 371 p. Prijs: 18,95 euro.</p>
<p>Zie ook <a href="http://www.geertkimpen.com" target="_blank">www.geertkimpen.com</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/de-vrouwelijke-kant-van-het-goddelijke/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>De verwondering over de roze dingen</title>
		<link>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/de-verwondering-over-de-roze-dingen/</link>
		<comments>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/de-verwondering-over-de-roze-dingen/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 14 Jan 2011 05:35:22 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interviews]]></category>
		<category><![CDATA[Carlien van Viegen]]></category>
		<category><![CDATA[chicklit]]></category>
		<category><![CDATA[columns]]></category>
		<category><![CDATA[Guatemala]]></category>
		<category><![CDATA[roman]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nationaleboekenblog.nl/?p=4478</guid>
		<description><![CDATA[Columnbundel Carlien van Viegen
<p class="wp-caption-text">“Ik ben iemand die zich heel graag wil uitdrukken. Expressie is voor mij heel belangrijk”, zegt Carlien van Viegen. </p>
<p>Door Peter le Nobel</p>
<p>Utrecht &#8211; Verwondering en associatie is het onnavolgbaar geheim dat Carlien van Viegen steeds ontdekt en waarin zij de lezer voortdurend meedeelt, zonder dat het proces precies kan worden [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<h3>Columnbundel Carlien van Viegen</h3>
<div id="attachment_4479" class="wp-caption aligncenter" style="width: 282px"><img class="size-medium wp-image-4479" title="interview BoekenBlog" src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/interview-BoekenBlog-272x300.jpg" alt="“Ik ben iemand die zich heel graag wil uitdrukken. Expressie is voor mij heel belangrijk”, zegt Carlien van Viegen. " width="272" height="300" /><p class="wp-caption-text">“Ik ben iemand die zich heel graag wil uitdrukken. Expressie is voor mij heel belangrijk”, zegt Carlien van Viegen. </p></div>
<p><em>Door Peter le Nobel</em></p>
<p><strong>Utrecht &#8211; Verwondering en associatie is het onnavolgbaar geheim dat Carlien van Viegen steeds ontdekt en waarin zij de lezer voortdurend meedeelt, zonder dat het proces precies kan worden nagevolgd. De formule van het schrijven. De Nationaleboekenblog.nl reisde hiervoor speciaal naar Guatemala en uiteraard vond het hele interview in het Spaans plaats…<span id="more-4478"></span><br />
</strong></p>
<p>Aanleiding is de columnbundel ‘Mooie momenten en andere roze dingen’ vol vermakelijk beschreven verhalen. Chicklit, maar met een zwart permanentje; met hier en daar ondeugendheden en ‘Viegeniaanse’ humor. “Ik heb nu een bundel uitgebracht, maar ik heb nooit een dagboek bijgehouden en aangesproken met een eigen naam. Ik zat in de tram en opeens had ik een gedachte in mijn hoofd, een ‘flow’, een vlaag. Ik had zin om te schrijven. Het was niks bijzonders wat ik in mijn notitieboekje schreef: ‘Waarom schrijf niet een boek? Over het leven!’ of zoiets. Drie jaar terug was dat. Ik heb wel heel veel gelezen in mijn leven. Mijn vader was leraar Nederlands en heeft zo’n 3.000 boeken in zijn kast. Wat ik wel altijd heb gedaan is tijdens reizen een dagboek bijhouden, en dan schrijf ik geen opsommingen, maar probeer ik mijn belevenissen echt verhalend te beschrijven.”</p>
<p><strong>Plannen</strong></p>
<p>Carlien is op dit moment bezig aan een roman over Cuba. “Ik ben gefascineerd door dat land. Het verhaal gaat over een meisje dat verliefd wordt op een Cubaan en eenmaal terug in Nederland de relatie in stand probeert te houden. Het is een liefdesverhaal, maar ik beschrijf ook de sfeer en de politieke situatie van het land.” Carlien aarzelt of ze het moet vertellen. “Er is een gezonde twijfel of het me lukt. Er zijn alleen al in Nederland een of twee miljoen mensen die een boek proberen te schrijven.”</p>
<p><strong>Raveteef</strong></p>
<p>In de bundel is het verhaal ‘Cappuccino of XTC?’  te lezen, waaruit blijkt dat Carlien van Viegen op haar zestiende een ware raveteef was geweest. Ze blikt als 31-jarige, gekleed in een vintagerokje en nippend aan een cappuccino terug op een meisje van wie haar blonde haar zo strak naar achteren is gekamd dat ze er Chinese ogen van krijgt. “Ik kom uit een gezin met heel veel interesse voor kunst en cultuur, en het was er ook heel knus, maar op die leeftijd had ik even totaal geen zin in diepgang. Ik wilde feesten en andere werelden ontdekken. Ik was net klaar met de havo. Ik vond het wel spannend, jongens die al werkten en een eigen auto hadden. Ik ontdekte dat vrij zijn van waardeoordelen heel belangrijk voor mij was. Uiteindelijk ging ik verder met leren en ben ik afgestudeerd op communicatiemanagement. In dat opzicht slinger ik altijd tussen spanning en veiligheid. Van huis uit heb ik geleerd om verantwoordelijk te leven, maar ook het avontuur te zoeken. Als er echter teveel spanning is, denk ik: ‘O, dat is niet veilig’, dan kies ik weer voor rust. Lange tijd zocht ik krampachtig naar een evenwicht, maar die twee uitersten horen bij mij. Je kunt niet creëren, of in mijn geval een verhaal schrijven, als je keurig in het midden zit.”</p>
<p><strong>Verwondering</strong></p>
<p>In alle columns komt de verwondering over de schoonheid van de kleine dingen naar voren, zoals in het verhaal ‘Met van die lekkere harde haren alstublieft’. “Het enige wat er gebeurt is dat ik een bezem koop, maar bij mij roept zoiets allerlei gedachten op, over oordelen van anderen, het daten, een levensfase, waar ik vervolgens op een afstandje naar kijk. Ik zie in films of series ook snel kleine dingetjes die niet kloppen, zoals een actrice die in dezelfde scene op het ene moment wel en op het andere ogenblik geen lipgloss op heeft. Die verwondering is mijn grond van nieuwsgierigheid. Ik kan ook heel gelukkig worden van kleine dingen, zoals in een relatie een aai over je bol. Een kamer in het mooiste hotel boeit me geen fuck.”</p>
<p><strong>Cocon</strong></p>
<p>Op dit moment bevindt Carlien van Viegen zich voor een paar weken in Guatemala, waar zij voor de organisatie Niños de Guatemala kinderen bij hun huiswerk begeleidt. Zes jaar terug begon zij Spaans te leren en sindsdien is zij gevallen voor de Latijns-Amerikaanse cultuur. “Mijn verwondering breidt zich uit, naar het schrijven, communicatie, Latijns-Amerika, het Spaans, maar ik zie er wel een lijn in. Je leert mensen kennen, hun cultuur, de communicatie tussen hen onderling en met jezelf en je schrijft erover. Schrijven is voor mij een manier om met de laptop en een kop koffie in een cocon bij de dingen stil te staan.”</p>
<p>&#8212;-</p>
<p><img class="alignleft size-thumbnail wp-image-4480" title="IMG_2028" src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/IMG_2028-150x150.jpg" alt="IMG_2028" width="150" height="150" />Carlien van Viegen, ‘Mooie momenten en andere roze dingen’, ISBN 978-90-814849-2-3. 60 p. Prijs: 14,95 euro (exclusief verzendkosten). Exemplaar ontvangen? E-mail: carliensmagazine@live.com.</p>
<p>Zie ook <a href="http://http://carliensmagazine.wordpress.com/" target="_blank">http://carliensmagazine.wordpress.com/</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/de-verwondering-over-de-roze-dingen/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>De onmacht tot intimiteit</title>
		<link>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/de-onmacht-tot-intimiteit/</link>
		<comments>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/de-onmacht-tot-intimiteit/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 29 Nov 2010 06:59:40 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interviews]]></category>
		<category><![CDATA[Els Moors]]></category>
		<category><![CDATA[Er hangt een hoge lucht boven ons]]></category>
		<category><![CDATA[Herman de Coninckprijs]]></category>
		<category><![CDATA[intimiteit]]></category>
		<category><![CDATA[personages]]></category>
		<category><![CDATA[uit verlangen naar een eiland]]></category>
		<category><![CDATA[verhalenbundel]]></category>
		<category><![CDATA[Vliegtijd]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nationaleboekenblog.nl/?p=4315</guid>
		<description><![CDATA[Els Moors zoekt en tast naar levendige personages  in &#8216;Vliegtijd&#8217;
<p> </p>
<p> </p>
<p> </p>
<p> </p>
<p class="wp-caption-text">Els Moors: &#39;De dingen moeten groeien, in het schrijven en in de liefde.&#39; Foto: Gelya Bogatishcheva </p>
<p>Door Peter le Nobel</p>
<p>Utrecht &#8211; &#8216;Beduimelde serveerster&#8217;, &#8216;Hysterisch opgedirkte vrouwen&#8217;. Net als in haar bundel &#8216; Er hangt een hoge lucht boven ons&#8217;  en in [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<h3>Els Moors zoekt en tast naar levendige personages  in &#8216;Vliegtijd&#8217;</h3>
<p><em> </em></p>
<p><em> </em></p>
<p><em> </em></p>
<p><em> </em></p>
<div id="attachment_4317" class="wp-caption aligncenter" style="width: 209px"><img class="size-medium wp-image-4317" title="Els©Gelya_klein" src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/Els©Gelya_klein-199x300.jpg" alt="Els Moors: 'De dingen moeten groeien, in het schrijven en in de liefde.' Foto: Gelya Bogatishcheva " width="199" height="300" /><p class="wp-caption-text">Els Moors: &#39;De dingen moeten groeien, in het schrijven en in de liefde.&#39; Foto: Gelya Bogatishcheva </p></div>
<p><em>Door Peter le Nobel</em></p>
<p><strong>Utrecht &#8211; &#8216;Beduimelde serveerster&#8217;, &#8216;Hysterisch opgedirkte vrouwen&#8217;. Net als in haar bundel &#8216; Er hangt een hoge lucht boven ons&#8217;  en in haar boek &#8216;Uit verlangen naar een eiland&#8217;  weet Els Moors in haar nieuwe verhalenbundel &#8216;Vliegtijd&#8217; met enkele trefzekere beschrijvingen een complete sfeer op te roepen. De beschrijvingen lijken sober, evenals het verloop van de verhalen, maar daarachter zweemt een complexe wereld van onmacht tot intimiteit.<span id="more-4315"></span><br />
</strong></p>
<p><strong>Zowel in je eerste als je tweede verhaal komt de volgende zin terug: ‘Mannen en vrouwen, het kan niet de bedoeling zijn dat we elkaar als kannibalen opeten’. Licht dat toe.</strong></p>
<p>&#8220;Ik heb het heel bewust gedaan. Soms laten mensen in korte verhalen bepaalde personages terugkeren, waardoor je het gevoel van een heel boek krijgt, maar ik liet me tot herhaling van die zin verleiden, om aan te geven dat het hele boek in feite over hetzelfde gaat. De drie verhalen sluit ik ook af met een brief. Ik laat de lezer een beetje in verwarring. Je kunt het inderdaad lezen als een toegift op het derde verhaal, wat over brieven gaat, maar  de bedoeling met de brief is dat het over alledrie de verhalen kon gaan, omdat ik vond dat je bij alle verhalen zou kunnen denken dat het nooit wat zou worden tussen de personages. Toen vond ik het belangrijk dat de brief zou aangeven dat het niet zo is, dat er op een bepaalde manier wat gebeurt, het ontstaan van een verwantschap tussen man en vrouw. Het gaat eigenlijk nog meer daarover dan dat het echt over liefde gaat. De brief is in die zin een positieve tegenhanger op de herhalende zin. We moeten elkaar inderdaad niet opvreten. Er moet ook liefde zijn.”</p>
<p><strong>De vrouwelijke personage is daar ook heel kritisch op, maar het lijkt daarbij alsof ze in haar eigen wereld leeft.</strong></p>
<p>“Het personage is onzeker. De liefde moet zo perfect zijn dat alle vriendschappen en alle kleine dingen heel banaal worden. Ik wilde haar daarbij niet negeatief afschilderen, maar wel laten zien hoe ze in die situatie terechtkomt.”</p>
<p><strong>Ik proef er ook een zekere onmacht tot intimiteit uit. </strong></p>
<p>“Dat is de samenvatting van wat er gebeurt, en waar het mij dan ook eigenlijk om te doen is, komt voort uit een soort grotere onmacht; het maken van het boek zelf. Ik heb zo’n manier van werken dat dingen moeten groeien. Ik ben niet iemand die een strak plan heeft. Ik vind het ook heel moeilijk om je personages en het verhaal echt levendig te maken. Daarom moet ik echt al tastend zoeken. Het verlangen naar intimiteit hangt samen met het boek zelf; je wilt iets creëren en levend maken. Zoiets kun je niet met je verstand afdwingen, en dat geldt ook voor relaties tussen mensen.”</p>
<p><strong>Is dat niet de strijd van het personage? Hoe kan ik intuïtief iets zo levend mogelijk maken?</strong></p>
<p>“Ja. Ik denk dat het iets heel essentieels is. Je moet ook als schrijver het gevoel hebben dat je het boek tot een vriend hebt gemaakt, dat je ineens iemand kent of begrijpt, zelfs als het verhaal niet autobiografisch is. Je kunt met iemands ogen meekijken. Daarin zit de intimiteit, in een goed boek. En voor mij is het een  metafoor voor hoe je in de liefde die intimiteit probeert te vinden. Ik heb eerder twee boeken gelezen die mij voor dit boek hebben geïnspireerd: ‘Ask the dust’  van Jane Fonte en ‘Het nieuwe onkruid’  van Louis Paul Boon, waarin hij schrijft hoe hij een zeventienjarig meisje op het station heeft ontmoet.”</p>
<p><strong>Is  er alleen een intimiteit tussen het boek en de schrijver of ook tussen het boek en de lezer? </strong></p>
<p>“Tussen het boek en de schrijver.”</p>
<p><strong>Geen ménage à trois? </strong></p>
<p>“Haha. Iedere keer als ik aan de lezer dacht, ging het schrijven heel slecht. Er komt wel een moment waarop je afstand doet van een verhaal, maar eerst ben je met het schrijven zelf bezig. Je onderzoekt hoe je in ieder geval naar gevoel de dingen zo autobiografisch mogelijk kan weergeven, waarbij je personages echt levendig worden in de taal. Daar kreeg ik ook een compliment over en daardoor kan ik dit nu ook zelf formuleren. Niets is zo erg dan dingen teruglezen en denken: ‘Zo was het helemaal niet, dat was de essentie niet.’ Je moet toch recht doen aan een bepaalde werkelijkheid, ook al maak je een vertaalslag. Dat vond ik ook het moeilijkste om te doen, om de waarheid zo in verhalen te manipuleren dat je kunt aangeven: hier begint het en daar stopt het. De eerste tien pagina’s moet ik vaak weghalen en ook het eind moet ik altijd goed timen. Dat is ook de reden dat ik voor de titel ‘Vliegtijd’ heb gekozen: de verhalen gaan over het moment, voor je van de ene naar de andere plek gaat, over de vlucht zelf.”</p>
<p><strong>Voor deze verhalenbundel is in 2008 je roman ‘Het verlangen naar een eiland’ gepubliceerd. Gaat dat boek in feite ook niet over intimiteit?</strong></p>
<p>“Ja, maar ik zat toen op een ander denkspoor. Ergens komen de thema’s wel overeen, maar toen wilde ik een soort antisprookje maken met een slecht einde. Ik denk dat ik mij toen meer bezighield met het schrijven zelf, maar er zijn wel dingen die in beide boeken hetzelfde zijn en bij me horen. Ik vind het fijn om de dialogen, en het groteske van relaties tussen mensen, scherp te stellen, zodat het een beetje pijn doet voor iemand die het leest, maar mijn concentratie in het laatste boek lag ergens anders.”</p>
<p><strong>Je won de Herman de Coninckprijs met je debuutbundel ‘Er hangt een hoge lucht boven ons’ uit 2006. Je brak door als dichter. Populair is het gedicht over de konijnen die het dak plat ‘fuckten’. Daarin komen ook de woorden voor: ‘Tandpasta nutella land’, in het Frans vertaald: ‘Ce pays dentifrice nutella’. Op welk land doelde je toen? </strong></p>
<p>“Op Nederland, want daar woonde ik toen, maar het slaat in feite op elk Europees land. Het ging mij om het hele comsumptie-idee dat je altijd wat moet doen. Als je nutella eet, moet je weer je tanden poetsen, en als je eet, moet je weer lijnen, en dan weer dronken worden. Dat eindeloos, vervelend doorgaan. Het gaat over de luxesituatie die weer problemen veroorzaakt.”</p>
<p><strong>Je hebt nu een dichtbundel, een roman en een verhalenbundel geschreven. Wat zal je volgende genre zijn?</strong></p>
<p>“Het eerst wat bij de uitgeverij staat gepland is poëzie, maar ik zit ook te springen om proza te schrijven, maar voor een boek moet je langer zitten en duurt het minstens twee of drie jaar voor je klaar bent, dus ik heb de tijd. Bovendien heb ik tijdens het proza schrijven ook wel gedichten gemaakt, maar om een bundel te maken moet je ook een bepaald moment pakken. Het kan door elkaar, maar er zal toch gesplitst moeten worden.”</p>
<p><strong>Wat bracht je terug naar België? </strong></p>
<p>“Een beetje de paniek. Ik dacht: ‘Als ik nu te lang in Nederland blijf, dan wordt het waarschijnlijk moeilijker om terug te keren en eigenlijk weet ik niet of ik daar echt voor kies. En het is in Nederland, in ieder geval in Amsterdam, moeilijk om leefbare woonruimte te vinden. In België is dat beslist goedkoper en makkelijker. Als ik ooit naar Nederland terug verhuis, dan is het voorgoed, maar ik wilde daar niet blijven wonen met de vraag: ‘Had ik niet op een bepaald moment terug moeten keren naar België?’ Dat ik het gevoel zou krijgen dat ik dat moment gemist zou hebben, of zo.”</p>
<p><strong>Zou je een Belgische variatie kunnen maken op ‘tandpasta nutella land’? </strong></p>
<p>“Ik vind het heel moeilijk om daar antwoord op te geven. En in feite slaat het op elk Europees land.”</p>
<p><strong>Er moet een mooie variatie zijn.</strong></p>
<p>“Ik kan je niet helpen.”</p>
<p><strong>Nou, er zijn toch vast bepaalde Belgische zoetwaren? Da’s leuk voor achteraf!</strong></p>
<p>“Nee, nee, nee. Dan ga ik daar de hele nacht over piekeren. Doe mij dat niet aan.”</p>
<p>&#8212;-</p>
<p><img class="alignleft size-medium wp-image-4319" title="vliegtijdomslag" src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/vliegtijdomslag-185x300.jpg" alt="vliegtijdomslag" width="185" height="300" />Els Moors, &#8216;Vliegtijd&#8217;, Uitgeverij Nieuw Amsterdam, ISBN: 9 789046 808924, 224 p., prijs: 16,50 euro.</p>
<p>Beluister ook het (bewerkte) geluidsfragment van het interview voor een mooi beeld van het gesprek. (7 minuten). Klik op <a href="http://www.megaupload.com/?d=K30RHBFN" target="_blank">fragment</a> om te downloaden.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/de-onmacht-tot-intimiteit/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Schrijven voor zijn leven</title>
		<link>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/schrijven-voor-zijn-leven/</link>
		<comments>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/schrijven-voor-zijn-leven/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 22 Nov 2010 06:25:38 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interviews]]></category>
		<category><![CDATA[afscheidsboek]]></category>
		<category><![CDATA[Apollyon]]></category>
		<category><![CDATA[de Antichrist]]></category>
		<category><![CDATA[eieren van de keizer]]></category>
		<category><![CDATA[Han Peeters]]></category>
		<category><![CDATA[OgenOOTschap]]></category>
		<category><![CDATA[Opta]]></category>
		<category><![CDATA[schrijver ondernemer]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nationaleboekenblog.nl/?p=4284</guid>
		<description><![CDATA[Han Peeters lokt discussie uit met &#8216;OgenOOTschap&#8217;
<p class="wp-caption-text">Han Peeters herrees in een jaar tijd uit zijn as als schrijver. Foto: Peter le Nobel</p>
<p>Door Peter le Nobel</p>
<p>Breda &#8211; Han Peeters heeft letterlijk geschreven voor zijn leven. De afscheidsbrief die hij wilde schrijven voor hij zichzelf wilde ophangen, werd een afscheidsboek. En in nog geen jaar tijd [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<h3>Han Peeters lokt discussie uit met &#8216;OgenOOTschap&#8217;</h3>
<div id="attachment_4288" class="wp-caption aligncenter" style="width: 210px"><img class="size-medium wp-image-4288" title="IMG_1231" src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/IMG_1231-200x300.jpg" alt="Han Peeters herrees in een jaar tijd uit zijn as als schrijver. Foto: Peter le Nobel" width="200" height="300" /><p class="wp-caption-text">Han Peeters herrees in een jaar tijd uit zijn as als schrijver. Foto: Peter le Nobel</p></div>
<p><em>Door Peter le Nobel</em></p>
<p><strong>Breda &#8211; Han Peeters heeft letterlijk geschreven voor zijn leven. De afscheidsbrief die hij wilde schrijven voor hij zichzelf wilde ophangen, werd een afscheidsboek. En in nog geen jaar tijd heeft hij nog eens twee boeken geschreven. Met ‘Afscheidsboek’, ‘ De eieren van de keizer’ en ‘Apollyon, de Antichrist’ is de ondernemer veranderd in een schrijver.</strong><span id="more-4284"></span></p>
<p>“Met het eerste boek overleefde ik, met het tweede fictieve boek rekende ik af met mijn imagoschade en met het derde boek richt ik me nog meer op, kijk ik om mij heen en wil ik een discussie beginnen over hoe je de maatschappij opnieuw zou moeten inrichten.”</p>
<p>Peeters was behoorlijk in zak en as. Eerder kwam hij in het nieuws omdat de Opta hem een boete van 240.000 euro oplegde, omdat hij teveel zou hebben gespamd als indirect overtreder van het spamverbod. De man met een zeilschip die zich zelfs een gigantisch klooster kon veroorloven raakte totaal aan de grond. “Dit flatje is veertig keer kleiner.” Faillissement, echtscheiding, imagoschade, geen inkomen, geen werk, geen adres en een onbereikbare liefde waren zijn ‘zeven demonen’. Nu krabbelt hij weer een beetje omhoog: er is in ieder geval een bijstandsuitkering en een adres. Inmiddels heeft de Opta de rechtszaak verloren, maar in januari 2011 dient het hoger beroep dat de Telecomwaakhond heeft ingediend. Peeters ziet de zaak met vertrouwen tegemoet.</p>
<p><strong>&#8216;OgenOOtschap&#8217; </strong></p>
<p>Het eerste boek is in een gigantische snelheid geschreven: achttien dagen. Startdatum: 18 november 2009. Het was buigen of barsten. Daarna deed Peeters drie maanden lang inpakwerk om in aanmerking te komen voor een uitkering. “25 jaar was ik ondernemer, maar dat telt niet.” Daarna heeft hij het boek nog in een week herschreven.</p>
<p>In dit boek komen voor het eerst zijn gedachten naar voren over het ‘OgenOOtschap’. “Terwijl sneeuwvlokje (zijn naam voor de dood) over mijn schouder meeleest, tuur ik naar de tekens op mijn toetsenbord en blijf steken bij de perfecte hoofdletter ‘O’.” Het is net een warrig stukje in het boek, met uitwijdingen over het woord ‘tunnel’ dat ‘tonnel’ zou moeten zijn, maar het is ook de basis van het derde boek. “Ik moest me van de dood wegschrijven, ik wilde niet stoppen, en toen zag ik die letter en besloot ik daarmee verder te gaan.”</p>
<p>Over het tweede boek deed hij 27 dagen. Zijn personage, Emile van Straten, krijgt als kunstwetenschapper van de Russische president Poetin de opdracht om negen Fabergé-eieren op te sporen. Hij vindt er een terug, en wordt aan alle kanten gelauwerd –totdat blijkt dat het ei vals is. Zijn onderneming en imago storten in elkaar en via onder meer tarotkaarten en een enkele opmerking van zijn autistisch zoontje kan hij zich via de weg van de wetenschap revancheren.</p>
<p><strong>&#8216;Apollyon, de Antichrist&#8217; </strong></p>
<p>Het derde boek, ‘Apollyon, de Antichrist’, geschreven in 63 dagen, is hierop een vervolg. In opdracht van de Unesco moet Emile van Straten het mysterie van Atlantis ontrafelen. Al snel blijken de piramiden in Egypte een belangrijke rol te spelen. De rode draad in het hele boek is de magische ruit. Het komt erop neer dat de goden de aarde willen redden, en daarvoor al een persoon op het oog hebben: Emile zelf, als Apollyon. “En sommigen hebben me na lezing van het boek voor fascist uitgemaakt.”</p>
<p>Als uitverkorene richt Emile het OgenOOtschap op, een Nieuwe WereldOrde, met een eigen munt, de O, en een eigen telefoon, de phOne, als antwoord op alle oude instituties die de ‘domheid’ en ‘hebzucht’  in de wereld in stand houden. Het wordt een wereldwijde beweging en de oude machthebbers willen de uitverkorene graag een kopje kleiner maken.</p>
<p>Aan het eind wordt mooi beschreven hoe deze idealistische beweging toch dictatoriale trekjes begint te vertonen. Wie geroyeerd wordt van het OgenOOtschap verliest zijn baan en bedrijf, tegenstanders kunnen niet meer in O’s handelen en over criminelen wordt beslist met een stemming per phOne. De Nieuwe WereldOrde is onontkoombaar.</p>
<p><strong>Discussie</strong></p>
<p>“Het is een fictief verhaal met objectieve feiten, zoals de magische ruit die je daadwerkelijk op het stratenplan van Washington DC kunt leggen. Mij gaat het erom een discussie uit te lokken. Dat heb ik nog benadrukt doordat de hoofdpersoon steeds aan een boek schrijft, dus hij werkt aan een autobiografie en ik schrijf er weer een biografie van. Het volgende boek is een vervolg en dan komen de tegenstanders aan het woord.”</p>
<p>Om de discussie verder uit te lokken, heeft Peeters al een website opgericht: <a href="http://www.ogenootschap.nl" target="_blank">www.ogenootschap.nl</a> Natuurlijk is dit boek ingegeven door de datum 21 december 2012, als de Maya kalender afloopt. “In Nederland leeft dat niet zo sterk. In ieder geval minder dan in Amerika.”</p>
<p><strong>Spiritualiteit</strong></p>
<p>De interesse voor spiritualiteit en mystiek is bij Peeters langzaam gegroeid. “Ik was al heel lang geïntrigeerd door de mysteries van de piramides en Paaseiland. Het moet zo’n vijftien jaar geleden zijn begonnen. Ik zag een documentaire van Robert Bauval, een Belgische archeoloog. Hij ontdekte dat de schachten in de piramides ooit op de sterrenhemel waren gericht. Sommige wezen op het sterrenbeeld Orion. Jarenlang bleef mijn fascinatie hiervoor in mijn hoofd spelen.”</p>
<p><strong>Uitproberen</strong></p>
<p>De ondernemer is altijd al een gevoelsmens geweest. Daarbij hoort dat hij graag zelf dingen uitzoekt. In zijn boeken trakteert hij de lezer dan ook graag op bijzondere feiten en weetjes. “Ik ben meer een man van uitproberen, maar dat komt ook: als ondernemer verzon ik altijd nieuwe dingen, en dat laat zich inderdaad niet zomaar vertalen in businessplannen en marketingmixen. Je zoekt dingen wel uit waar het kan, maar dat is moeilijk als je geen voorbeelden hebt.”</p>
<p>Het is algemeen bekend dat de ondernemer die alleen maar succes heeft een liegbeest is. Sommige producten worden nu eenmaal met vallen en opstaan in de markt gezet. “Zo heb ik de Chesspoint uitgevonden: een meubelstuk dat je op het terras kan neerzetten. Er zijn zo’n twee miljoen schakers in Nederland. Als je die op het terras weet te krijgen, dan heb je als horecazaak een prachtige aanloop. Alles was geregeld. Het prototype stond dit jaar op de Horecava, een vakbeurs. Er ging een corpulente vrouw op zitten en toen donderde het hele ding in elkaar. Een constructiefout.” Peeters laat het er niet bij zitten.</p>
<p>&#8212;-</p>
<p><img class="alignleft size-medium wp-image-4287" title="Omslag Apollyon" src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/Omslag-Apollyon-201x300.jpg" alt="Omslag Apollyon" width="201" height="300" />Han Peeters, &#8216;Apollyon, de Antichrist&#8217;, Uitgeverij Terrade, 383 p., ISBN: 978-90-815887-2-0. Prijs: 23,85 euro.</p>
<p>Voor dit boek en zijn twee andere boeken, &#8216;Afscheidsboek&#8217; en &#8216;Eieren van de keizer&#8217;, kijk op <a href="http://www.hanpeeters.nl" target="_blank">www.hanpeeters.nl</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/schrijven-voor-zijn-leven/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>‘Bek dicht en dooreten!’</title>
		<link>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/%e2%80%98bek-dicht-en-dooreten%e2%80%99/</link>
		<comments>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/%e2%80%98bek-dicht-en-dooreten%e2%80%99/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 05 Nov 2010 06:24:18 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interviews]]></category>
		<category><![CDATA[chick noir]]></category>
		<category><![CDATA[chicklit]]></category>
		<category><![CDATA[Deborah Klaasen]]></category>
		<category><![CDATA[debuut]]></category>
		<category><![CDATA[Eten]]></category>
		<category><![CDATA[Fay Weldon]]></category>
		<category><![CDATA[joods]]></category>
		<category><![CDATA[Londen]]></category>
		<category><![CDATA[schrijven]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nationaleboekenblog.nl/?p=4194</guid>
		<description><![CDATA[Het geluk van Deborah Klaassen
<p>Door Peter le Nobel</p>
<p> </p>
<p class="wp-caption-text">Deborah Klaassen: &#34;Geen angst om te mislukken.&#34; Foto: Peter le Nobel</p>
<p>Utrecht  - Deborah Klaassen heeft met ‘Bek dicht en dooreten!’ een origineel debuut geschreven. Door humor en horror te combineren is er een heuse ‘chick noir’ gecreëerd.</p>
<p>Haar personage Laura weet niet goed wat zij met de [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<h3>Het geluk van Deborah Klaassen</h3>
<p><em>Door Peter le Nobel</em></p>
<p><strong> </strong></p>
<div id="attachment_4199" class="wp-caption aligncenter" style="width: 210px"><img class="size-medium wp-image-4199" title="IMG_1169" src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/IMG_1169-200x300.jpg" alt="Deborah Klaassen: &quot;Geen angst om te mislukken.&quot; Foto: Peter le Nobel" width="200" height="300" /><p class="wp-caption-text">Deborah Klaassen: &quot;Geen angst om te mislukken.&quot; Foto: Peter le Nobel</p></div>
<p><strong>Utrecht  - Deborah Klaassen heeft met ‘Bek dicht en dooreten!’ een origineel debuut geschreven. Door humor en horror te combineren is er een heuse ‘chick noir’ gecreëerd.</strong><span id="more-4194"></span></p>
<p>Haar personage Laura weet niet goed wat zij met de rest van haar leven wil en besluit als au pair haarzelf te ontdekken in een joodse familie. Een gereformeerde welteverstaan.<em> ‘Op een orthodoxe trouwerij is de moeder van de bruid zwanger; op een conservatieve trouwerij is de bruid zwanger; op een gereformeerde trouwerij is de rabbijn zwanger en op een liberale trouwerij zijn de rabbijn en haar vrouw zwanger.’</em> (p. 53)</p>
<p>Vlot en beeldend geschreven weet zij een realistische jongedame neer te zetten, met al haar onzekerheden en levendige fantasie. Tanden spelen een belangrijke rol in het verhaal, waarbij ook de vader –als tandarts- een rol speelt.  Sommige scènes kun je alleen diagonaal lezen, zo gruwelijk. “Mijn eigen tanden zijn goed, maar ze kwijt raken is mijn grote nachtmerrie.”</p>
<p>Het boek was oorspronkelijk haar bachelorscriptie, ‘Shut up and eat’, als afsluiter van haar master Creative Writing aan de Brunel University in West-Londen. Haar grote lerares was niemand minder dan Fay Weldon, die ook een prijzende opmerking op de achterflap van haar boek heeft geschreven. “Een van de dingen die ik van haar leerde is dat je zelf expert moet zijn in de gevoelens van je hoofdpersoon”, zegt Klaassen. “Je hoeft niet alles letterlijk te hebben meegemaakt, maar de gevoelens moet je kennen, anders word je personage niet overtuigend. Als Nederlander wilde ik er in Engeland ook echt bij horen, en sprak ik zoveel mogelijk met een Engels accent. Het gevoel dat je je moest bewijzen ervoer ik zelf.”</p>
<p><strong>Horror</strong></p>
<p>Tijdens de master bleek vooral haar horrorverhaal het goed te doen. “Daar hadden ze het weken later nog over.” In haar eerste verhaal had een klein jongetje last van kriebel op zijn billen. Daarvoor moest hij naar de dokter, wat de jongen niet erg vond, want dat vond hij maar wat een avontuur. Tot zijn teleurstelling kreeg hij geen injectie, maar een zalf en de dokter adviseerde hem geregeld een bad te nemen. Het jongetje is blij, want dan kan hij spelen met zijn badeendje. Hij krijgt echter puistjes op zijn achterwerk en ze worden steeds groter. Het blijken eendensnaveltjes te zijn en uiteindelijk moet de dokter ze er met een tang  allemaal uit trekken. De hele badkuip zit onder het bloed. “Leerlingen introduceerden mij aan de auteur Tony White met de woorden: ‘This is Deborah, but be carefull, she has a sick mind’.”</p>
<p><strong>Denktank</strong></p>
<p>De master was sowieso een grote stap in het leven van Klaassen, maar de kiem daarvan is gelegd in haar deelname aan de Nationale Denktank in 2007. “Daar werd ik gestimuleerd om naar het buitenland te gaan. Ik wilde altijd al schrijver worden. In Nederland studeerde ik daarom filosofie om te weten wat ik wilde zeggen, en journalistiek om te weten hoe ik het moest zeggen. Maar ik wilde ook leren hoe je een roman in elkaar zet.”</p>
<p>De Denktank had ook op een andere manier indruk op haar gemaakt. “Voor ik meedeed had ik het idee dat ik het leven van een ander aan het leiden was. Ik zat als student inderdaad in allerlei commissies, maar besefte dat ik in feite heel vervangbaar was. De Denktank  was een enorm ambitieus project. Je moest het Nederlands onderwijs analyseren en oplossingen verzinnen. Daarvoor had je drie maanden de tijd. Eigenlijk is dat een absurde opdracht. Je deed dat met zeventien andere mensen die net zo ambitieus zijn, maar we zitten allemaal in een net iets te klein bootje, en iedereen wil naar de overkant. Een oplossing is dat je die mensen laat sturen die het dichtst bij het roer zitten. Zo leer je hoe je met elkaar moet samenwerken. En uiteindelijk waren we allemaal verrast door de resultaten. Ik dacht: dat wil ik niet alleen hier doen. Ik wil dat de rest van mijn leven blijven doen. Dankzij de denktank verloor ik de angst om te mislukken. Als je droom niet uitkomt, dan is het heel erg, maar als het wel lukt, dan heb je iets heel bijzonders gedaan.”</p>
<p><strong>Schaamte en bewijsdrang</strong></p>
<p>De thema’s in het boek van Klaassen zijn schaamte en bewijsdrang, waarbij de plannetjes van Laura nogal eens in duigen vallen. De omgeving van een joodse familie geeft extra smaak aan de roman. “Ik ben zelf niet joods, maar ken vanaf mijn vierde een heel goede vriendin. Haar vader is joods en haar moeder niet en volgens de leer is zij daarom niet officieel joods, ook al volgt zij alle gebruiken en draagt zij een kettinkje met een davidsster. Zij is altijd een buitenbeentje gebleven.  Het erbij willen horen is een belangrijk onderwerp in mijn boek.” De slotzin van het boek luidt dan ook: <em>&#8216;… ik straal van geluk en niemand hoeft het te weten, maar ik blijf fake.’</em> Klaassen: “Je kunt gelukkig zijn als het leven niet loopt zoals je zou willen. Iets is niet gelukt, maar er is wel geluk.”</p>
<p>&#8212;-</p>
<p><img class="alignleft size-medium wp-image-4196" title="bekdichtendooreten-thumb" src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/bekdichtendooreten-thumb1-188x300.jpg" alt="bekdichtendooreten-thumb" width="188" height="300" />Deborah Klaassen, ‘Bek dicht en dooreten’, Uitgeverij Prometheus, 205 p. ISBN 978 90 446 1661 3, prijs: 16,95 euro</p>
<p>Zie ook <a href="http://www.deborahklaassen.com" target="_blank">www.deborahklaassen.com</a></p>
<p>Wil je een stuk uit het boek horen? Dat kan. Deborah Klaassen leest zelf voor. Kijk op <a href="http://www.youtube.com/watch?v=I1Gvm3luxpk&amp;feature=share" target="_blank">http://www.youtube.com/watch?v=I1Gvm3luxpk&amp;feature=share</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/%e2%80%98bek-dicht-en-dooreten%e2%80%99/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Thrillertocht naar hogere waarheid</title>
		<link>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/thrillertocht-naar-hogere-waarheid/</link>
		<comments>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/thrillertocht-naar-hogere-waarheid/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 08 Oct 2010 06:55:26 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interviews]]></category>
		<category><![CDATA[boek]]></category>
		<category><![CDATA[De Osirisopdracht]]></category>
		<category><![CDATA[evangelie]]></category>
		<category><![CDATA[God]]></category>
		<category><![CDATA[goden]]></category>
		<category><![CDATA[Jeroen van Dillen]]></category>
		<category><![CDATA[religie]]></category>
		<category><![CDATA[Verhalen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nationaleboekenblog.nl/?p=3980</guid>
		<description><![CDATA[Jeroen van Dillen zoekt en vindt in &#8216;De Osiris Opdracht&#8217;
<p>Door Peter le Nobel</p>

<p> </p>
<p></p>
<p class="wp-caption-text">“Als je verschillende verhalen als een puzzel over elkaar heen legt, kun je de hogere waarheid achterhalen”, zegt Jeroen van Dillen. Foto: Peter le Nobel</p>
<p> </p>
<p></p>
<p>Utrecht &#8211; Achteraf bezien hield Jeroen van Dillen zich al zeker tien jaar bezig met religie en spiritualiteit. [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<h3>Jeroen van Dillen zoekt en vindt in &#8216;De Osiris Opdracht&#8217;</h3>
<p><em>Door Peter le Nobel</em></p>
<div><em></em></div>
<p> </p>
<p><em></p>
<div id="attachment_4013" class="wp-caption aligncenter" style="width: 310px"><em><img class="size-medium wp-image-4013" title="IMG_0867" src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/IMG_0867-300x199.jpg" alt="“Als je verschillende verhalen als een puzzel over elkaar heen legt, kun je de hogere waarheid achterhalen”, zegt Jeroen van Dillen. Foto: Peter le Nobel" width="300" height="199" /></em><p class="wp-caption-text">“Als je verschillende verhalen als een puzzel over elkaar heen legt, kun je de hogere waarheid achterhalen”, zegt Jeroen van Dillen. Foto: Peter le Nobel</p></div>
<p> </p>
<p></em></p>
<p><strong>Utrecht &#8211; Achteraf bezien hield Jeroen van Dillen zich al zeker tien jaar bezig met religie en spiritualiteit. Het resultaat daarvan is te lezen in ‘De Osiris Opdracht’, verpakt in een spannende thriller. “Al die jaren heb ik me een praktiserend atheïst genoemd, een kwinkslag van mij. Nu voel ik meer een cultureel atheïst.”</strong><span id="more-3980"></span></p>
<p>“Ik ben opgegroeid met bidden voor het eten en zat op christelijke scholen. Mijn ouders zijn nog steeds gelovig en gaan ’s zondags naar de Lutherse Kerk. Ik viel van mijn geloof af tijdens de oorlog in Ruanda: ik zag op tv een speer in het water drijven met drie babylijkjes eraan gespietst. ‘Welke god kan dat nou toestaan?’, dacht ik bij mezelf.” Van Dillen begon zich toen al onbehaaglijk te voelen bij de materiële benadering van het geloof, zoals hij zelf noemt; het volgen van de regeltjes, zonder enige spiritualiteit.</p>
<p>“In die tijd noemde ik mijzelf schertsend een praktiserend atheïst. Wie geloofde had naar mijn idee een gaatje in zijn hoofd. Ik begon heel veel te lezen, met mensen te praten en na te denken. Er is een bekende uitspraak in de bijbel: ‘Zoekt en gij zult vinden’ en het gekke is: als je zoekt, dan vind je ook. Nu zou ik zeggen: ik ben een cultureel atheïst; ik geloof niet in een God die door onze cultuur is bepaald. Ik geloof meer in een persoonlijke beleving van spiritualiteit, die ik niet direct God zou willen noemen. Het is ook een lastig begrip om er een betekenis aan te geven. Iedereen geeft er een eigen invulling aan en dan betekent het niks meer. Ik ben zelf tot de conclusie gekomen dat het leven meer is dan materie, dat er al iets bestaat voor het lichaam geboren wordt en blijft voortbestaan als het lichaam sterft.”</p>
<p><strong>Thriller</strong></p>
<p>Die visie heeft Van Dillen niet gebracht als een droog essay, maar in de vorm van een thriller. Nora, een alledaagse vrouw in Nederland, blijkt door de goden uitgekozen te zijn om de mensheid een stapje verder te helpen. Daarvoor is het nodig dat ze uiteindelijk in een piramide in Egypte terecht komt, om daar te worden ingewijd. De tocht voert langs diverse landen, op de hielen gezeten door Lióna, die de goden zelf op het pad van Nora hebben gebracht om haar door tegenslagen te laten sterken. Dat loopt wat uit de hand, nu Lióna tot de conclusie komt dat zij de uitverkorene is en Nora wil uitschakelen.</p>
<p>In het boek komen heel veel godsdiensten aan de orde, van de natuurgodsdienst van Indianen in Noord-Amerika tot het boeddhisme en het hindoeïsme, waaruit onder meer blijkt dat elke religie zo haar eigen scheppingsverhalen heeft, en er is een verrassende uitleg te lezen van de vier evangeliën: de mens was ooit niet materieel gebonden, is echter steeds dieper in de materie gegaan en is nu op de weg terug naar het geestelijke. “De personage Gudruna heb ik laten opgroeien in Zwitserland, niet geheel toevallig, want daar woonde Rudolf Steiner. Zijn anthroposofisch gedachtengoed heb ik ook in het boek verwerkt.”</p>
<p><strong>Essentie</strong></p>
<p>“In feite heb ik de essentie van allerlei opvattingen proberen te achterhalen. Het is niet voor niets dat er vier evangeliën zijn. De een is daarbij niet belangrijker dan de andere, maar de waarheid is zo complex en zo omvangrijk en onze taal zo beperkt dat je best een verhaal op vier verschillende manieren kan vertellen en als een puzzel over elkaar heen kan leggen om de hogere waarheid erachter te kunnen achterhalen.”</p>
<p>Volgens Van Dillen staat voor mensen veel in de weg om dat te kunnen doen, domweg door tijdgebrek, of door angst. “Strenge groeperingen zijn bang voor God en vrezen ter plekke door de bliksem getroffen te worden. Dat beperkt je in je vrijheid om te onderzoeken en zelf na te denken. En ook het beeld van God staat heel erg in de weg. Als je dat vasthoudt, dan is het moeilijk om de echte God te vinden. In het gunstigste geval helpen kerken je er niet bij, en in het ernstigste geval staan ze in de weg. Juist het zelf onderzoeken en je persoonlijke ervaring van spiritualiteit is heel bevrijdend.”</p>
<p><strong>Vertrouwen</strong></p>
<p>“Je kunt het leven zien als een rivier waar je op dobbert. Je kunt bijsturen of tegen de stroom inzwemmen. Dan moet je vertrouwen hebben. Deepak Chopra zegt in zijn boek ‘Synchronisch leven’: kijk goed naar aanwijzingen, let op de dingen die op je pad komen. Pak ze aan of niet, maar blijf luisteren naar je gevoel en laat je niet afleiden door allerlei verzonnen wensen of verlangens, zoals een baan, een auto of een vrouw. Je mee laten voeren door die stroom kun je omschrijven als overgave. Het Arabisch woord daarvoor is islam. In het christendom spreken ze van vertrouwen. Daar komen alle religies in feite op neer: vertrouwen hebben in je bestemming, in het leven. Dan gaat het niet meer om een boze man op een wolk. Als je het zo bekijkt, blijft er van godsdiensten niets meer over.”</p>
<p>&#8212;</p>
<p><img class="alignleft size-medium wp-image-3979" title="osirisopdracht1" src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/osirisopdracht1-195x300.jpg" alt="osirisopdracht1" width="195" height="300" />Jeroen van Dillen, De Osiris Opdracht, Uitgeverij Viradectis, 496 p., ISBN: 978 90 8157901 8, prijs: 19,95 euro. Zie ook <a href="http://www.osirisopdracht.nl">www.osirisopdracht.nl</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/thrillertocht-naar-hogere-waarheid/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Detective van de ziel: ‘Ga maar springen’</title>
		<link>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/detective-van-de-ziel-%e2%80%98ga-maar-springen%e2%80%99/</link>
		<comments>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/detective-van-de-ziel-%e2%80%98ga-maar-springen%e2%80%99/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 03 Sep 2010 05:15:30 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interviews]]></category>
		<category><![CDATA[Arthur Japin]]></category>
		<category><![CDATA[boek]]></category>
		<category><![CDATA[dansen]]></category>
		<category><![CDATA[fantasie]]></category>
		<category><![CDATA[intuitie]]></category>
		<category><![CDATA[liefde]]></category>
		<category><![CDATA[Magonie]]></category>
		<category><![CDATA[Vaslvav]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nationaleboekenblog.nl/?p=3798</guid>
		<description><![CDATA[Japin beschrijft gekte, zwakte en genialiteit van danser Vaslav
<p>Door Peter le Nobel</p>
<p><p class="wp-caption-text">De zweefsprong van Vaslav is een magonische werkelijkheid die iedereen kan bereiken, vindt Arthur Japin. Foto: Peter le Nobel</p>UTRECHT – Arthur Japin las in de jaren tachtig het dagboek van de beroemde Russische danser Vaslav. Ruim twintig jaar later is zojuist het boek [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<h3>Japin beschrijft gekte, zwakte en genialiteit van danser Vaslav</h3>
<p><em>Door Peter le Nobel</em></p>
<p><div id="attachment_3803" class="wp-caption aligncenter" style="width: 310px"><img src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/IMG_0410-300x200.jpg" alt="De zweefsprong van Vaslav is een magonische werkelijkheid die iedereen kan bereiken, vindt Arthur Japin. Foto: Peter le Nobel" title="IMG_0410" width="300" height="200" class="size-medium wp-image-3803" /><p class="wp-caption-text">De zweefsprong van Vaslav is een magonische werkelijkheid die iedereen kan bereiken, vindt Arthur Japin. Foto: Peter le Nobel</p></div><strong>UTRECHT – Arthur Japin las in de jaren tachtig het dagboek van de beroemde Russische danser Vaslav. Ruim twintig jaar later is zojuist het boek ‘Vaslav’ uitgekomen, over genialiteit en gekte, beschreven op de intense wijze als liefhebbers van Japin gewoon zijn, maar er is ook een verhaal over liefde, fantasie, inleven en intuïtie, waarbij iedereen het leven van een ander kan meemaken.  ‘Regel voor regel.’</strong><span id="more-3798"></span></p>
<p>“Lex Jansen, toen al mijn vriend en tegenwoordig ook mijn uitgever, liet mij het dagboek van Vaslav lezen. Ik was net van de theaterschool af en het leek me leuk om zijn verhaal met een paar mensen te spelen. Het dagboek greep me meteen. Nu ik wat ouder ben, begrijp ik wel waarom het me toen aansprak: je zag daarin het proces van gek worden. Mijn vader belandde in een gesticht, dus je was zelf ook gefascineerd door die ontwikkeling. Twee mensen die ik daar zag, keren in mijn boek terug. Ik zag een vrouw die voortdurend zat te huilen en een man die in zijn eentje een orkest speelde. Hij was dolgelukkig. Als kind was ik gefascineerd door de vraag waarom zij gericht was op iets lelijks en hij op iets moois. Bovendien ontdekte ik achteraf nog meer dingen in het dagboek die van mij hadden kunnen zijn. Vaslav roept op: leer mensen lief te hebben, en hij beschrijft zijn hang naar stilte. Dat heb ik zelf ook heel erg.”</p>
<p>De schrijver moet meerdere boeken in zijn hoofd hebben, die daar in alle rust liggen te rijpen. Het dagboek van Vaslav las hij aan het begin van de jaren tachtig, en ook het boek ‘De zwarte met het witte hart’ zag pas in 1997 het licht, terwijl Japin al in 1987 van het verhaal over de twee Ghanese prinsjes heeft gehoord. “Na het schrijven van De Overgave, mijn voorlaatste boek dat zich afspeelt op de Amerikaanse prairie, had ik weer zin om theater en schoonheid te beschrijven.” </p>
<p><strong>Magonië</strong></p>
<p>Zijn debuut ‘Magonische verhalen’ is een van de belangrijkste boeken van de schrijver om Japin te begrijpen. “Die verhalen gaan over mensen die niet zo goed in de werkelijkheid passen. Zij zijn allemaal eenlingen, die een plaats moeten vinden in het echte leven. In die zin staan ze symbool voor mijn vader, die ook niet goed met de werkelijkheid kon leven. Hij vertelde mij verhalen over Magonia, een land in de wolken waar de Middeleeuwers in geloofden. Zij dachten dat de wolken de onderkanten van schepen waren. Ze dachten dat sommige van de opvarenden via een touwladder naar beneden klommen. Een aantal ‘Magoniërs’ is in de veertiende eeuw ook op de brandstapel beland.”</p>
<p>“Er spreekt uit de verhalen ook een andere symboliek: deze mensen leefden in een luchtlaag waar ze zich prettiger voelden. Beneden konden ze niet goed aarden. Het gaat in die verhalen altijd om de vraag: moet ik afgaan op wat ik voel, hoe ik weet dat ik van binnen ben of afgaan op hoe mensen naar mij kijken? Moet ik een ander toelaten in mijn leven? Het is een facet van mijzelf. Als ik zo’n leven in de geschiedenis zie, dan denk ik: ‘Mijn God, hoe heb jij dat gedaan? Welke oplossing heb jij bedacht om het in het leven te redden?’ Een Franse recensent noemde mij ooit een ‘détecteur d’âmes’, een onderzoeker van de ziel. Het gaat me niet zozeer om de feiten, maar hoe je van de ene stap tot de andere bent gekomen. Hoe voelt dat? Wat doet dat met je? Dat vind ik spannend. Het is een speurtocht naar de emotionele invulling van zielen. Ik wil lezers andermans leven binnenlokken. Daarom vind ik de ik-vorm prachtig. Kijk nou eens vanuit dit lichaam, kijk eens hoe het voelt om bekeken te worden, een buitenstaander te zijn. Ik denk dat ik dat doe om mensen zelf te laten begrijpen. Ik herken me er zelf in, in het aspect van gepest worden op school.” </p>
<p>“Of ik voor ze opkom? Ja, eigenlijk wel. Ik heb heel lang gedacht dat ik mensen kon leren om een ander te lezen, zoals ik dat kan. Dat heeft tot mijn dertigste geduurd. Niet iedereen kan het, zo is mij gebleken. Wat ik in al mijn kunsten wilde was om mijzelf herkenbaar te maken. Ik denk dat ik me daarom bezighield met toneelspelen, dansen. Ik zocht een taal waarin ik gehoord zou worden. Als mensen mijn boeken echt goed lezen, dan kunnen ze niet ontkennen wat mijn personages hebben doorstaan, want je hebt het zelf meegemaakt, regel voor regel.” </p>
<p><strong>Kwasi-Kwame keuze</strong></p>
<p>Magonische Verhalen is het officiële debuut, maar het schrijversschap van Japin begon met het verhaal over de twee prinsjes Kwasi en Kwame uit Ghana, die als cadeauset aan Koning Willem I in Nederland werden overhandigd. ‘Hij stopte met acteren en begon te schrijven’ staat radicaal op Japin’s site vermeld. “Ik hoorde het verhaal van iemand die in Ghana op reis was geweest. Ik werd nieuwsgierig. De ene jongen bleef zijn Afrikaanse wortels trouw, de ander paste zich helemaal aan Nederland aan. Ja, dat snap ik, en daar wilde ik meer van weten. Ik wist van tevoren niet dat het nog tien jaar zou duren voor er een boek van zou komen. Ik speelde in die tijd nog wel toneel, om geld te verdienen, maar voelde me er niet gelukkig onder. Ik dacht mij te kunnen verbergen in een rol, maar ik stond op het podium veel naakter dan ik wilde, soms letterlijk in je blootje. Misschien waren mijn littekens van mijn jeugd in die tijd nog te vers om mijn innerlijk te durven tonen.” </p>
<p>Japin diepte het verhaal uit, onderzocht de feiten. “Ik zag het isolement van die twee jongetjes. Ik dacht: ‘Mijn God, dat ben ik zelf!’ Ik stond altijd voor de Kwasi-Kwame keuze. In die zin zijn ze altijd bij mij, zijn ze nooit weg. Misschien zijn ze inderdaad mijn beschermengelen van het schrijversschap.” </p>
<p><strong>Intuïtie</strong></p>
<p>In zijn jeugd voelde Japin die bescherming niet. Zijn vader had moeite met het leven, was geestesziek, en had last van een kwade dronk. “Ik leerde heel goed aanvoelen wanneer de sfeer in huis zou omslaan.” Op school was hij daardoor bang en verlegen. “In die tijd dacht ik dat ik mismaakt was, er moest wel iets mis met mezelf zijn. Alle foto’s uit die tijd heb ik ook weggegooid. Mijn oma heeft ze echter bewaard en achteraf zag ik weinig bijzonders aan mij. Ja, een stil en teruggetrokken jongetje. In het groepsproces was ik de zwakste schakel. Dat voelde iedereen feilloos aan. Zelfs een leraar deed mee. Geregeld werd ik door mijn klasgenootjes in elkaar geslagen. Ook sigarettenpeuken drukten ze op me uit, meerdere malen. Het zou misschien anders zijn geweest als ik een keer flink had teruggeslagen, maar dat zat niet in mijn pakket. Nog steeds niet. Pesten komt overal voor, op school op het werk, op de sportschool… Als ik kinderen had, dan zou ik ze nooit naar school sturen. Net als Marguerite Yourcenar zou ik ze privélessen geven. Ik weet eigenlijk niet of dat in Nederland überhaupt kan.”</p>
<p>Er was wel iets anders dat over hem waakte: het kleine hondje Trip. “Een  vuilnisbakkenras, wij haalden hem uit het asiel. Wij dachten dat hij mismaakt was, helemaal kromgetrokken was hij. Hij begroef zich onder de jas van mijn vader. Wij namen hem mee en thuis verzorgden wij hem. Ik ontdekte dat hij helemaal niet krom was. Na twee dagen knapte hij door alle liefde helemaal op. Kaarsrecht ging hij op zijn pootjes staan en richtte zijn oren op. Het was net een hertje. Ik heb veel van hem geleerd: onvoorwaardelijke liefde, en het gebruiken van je intuïtie. Hij wist feilloos wat er ging gebeuren en waakte over mij en mijn moeder. En hij was heel impulsief. Een keer heeft hij de slagader van mijn vader doorgebeten toen die ons aanviel.” </p>
<p>“Het pluspunt van dit alles is dat je gedwongen wordt om iets anders aan te boren. Je spreekt de fantasie aan, het geloof dat alles beter wordt. Dat brengt ons op Vaslav.” </p>
<p><strong>Genialiteit</strong></p>
<p><em>‘Ze denken dat scheppen iets buitengewoons is. Ze weten niet dat iedereen dat kan en als je het ze vertelt, willen ze het niet geloven.’</em> (p. 67) “Ik ben ervan overtuigd dat iedereen het kan. Dat zeg ik zelf ook. De indruk die bij je binnenkomt moet groot genoeg zijn. Bij mij gebeurde dat voor het eerst toen ik het verhaal van de prinsjes hoorde.”</p>
<p><em>‘Genialiteit is een vorm van domheid’ (…) ‘Het enige wat je ervoor moet doen’, vervolgt hij, ‘is zonder na te denken grote keuzes maken.’</em> (p. 70) “Die uitspraak is van de Nederlandse componist Andriessen. Hij speelde hier op mijn vleugel. Er was even het plan dat hij de opera <em>Kwasi &#038; Kwame</em> zou maken over de prinsjes van Ashanti, die nu is gecomponeerd dor Jonathan Dove. Het klopt, ik geloof dat heel erg. Ik zie bij heel veel mensen dat de eerste impuls de juiste is, maar dan gaan ze denken en volgen zij niet hun hart. Ze denken: ‘Ik kan toch geen boek schrijven.’ Dat is die rede. Het volgen van je impuls geldt zeker voor het werk van het scheppen. Je moet niet nadenken. Ik denk dat veel mensen geen boek schrijven, omdat ze nooit een onderwerp hadden dat zo dwingend was dat ze zich over hun angsten heen zetten.” </p>
<p>De dienstbode Peter over de korzelige reacties van zijn vriendin Lise op zijn enthousiaste verhalen over zijn gesprekken met Vaslav. <em>‘Eerst dacht ik dat ze het zei uit onvrede over onze posities of uit jaloezie, later begreep ik dat er mensen bestaan die van het koesteren van dromen juist onrustig worden.’</em> (p. 91). “Ik heb mensen gekend die zich in een klein leven ingraven met kranten en boeken en daar niet uit willen komen. Die impuls missen. Het is best mogelijk om daarbinnen geluk te vinden.”</p>
<p><strong>Dilemma</strong></p>
<p>Met de stroom meegaan of je hart volgen, het is een dilemma in dit boek. Japin vindt in ieder geval dat Vaslav zowel geniaal is als zwak. “Hij kon zich ontzettend door de muziek laten meevoeren. Dat vergt heel veel van je. Als je niet krachtig genoeg bent, kun je eraan onder doorgaan. Wat ook niet helpt is dat hij heel jong op een balletschool zat en geadopteerd was door de tsaar. Daardoor kun je geen beslissingen nemen over je eigen leven. Hij deed wat hem gezegd werd.” Opmerkelijk is dat Vaslav trouwt met een vrouw, terwijl hij gevoelens heeft voor onder meer zijn ontdekker Sergej Pavlovitsj. Het is natuurlijk de tijdgeest om deze diepe gevoelens te ontkennen, en zijn vrouw heeft alles op alles gezet om met hem in het huwelijk te treden; toch komt nergens in het boek terug dat Vaslav hoogst ongelukkig was met zijn keuze. “Tsja, Vaslav was ook blij met zijn dochter en zijn vrouw.” </p>
<p>Op 19 januari 1919 maakt Vaslav zijn comeback. In het eerste deel van zijn voorstelling beeldt hij met woeste gebaren de verschrikkingen van de Eerste Wereldoorlog uit, in het tweede deel gebruikt hij juist heel minimalistische gebaren.<em> &#8216;Vier om precies te zijn. Steeds opnieuw dezelfde vier bewegingen, één op elk akkoord: eerst een afwerend gebaar, armen recht voor zich uitgestrekt, handpalmen naar ons gericht, als om zich te verdedigen. Verwelkomend dan, alsof hij ons wil omhelzen, spreidt hij zijn armen. Daarna een smeekbede, handen in wanhoop ten hemel. Ten slotte  laat hij, met een smak, zijn armen vallen. Langs zijn lichaam hangen ze, verwoest, alsof de gewrichten zijn geknapt.&#8217;</em> (p. 344)</p>
<p>Tot slot zegt hij: ‘Nu is het kleine paardje moe’. Daarna breekt een periode van zwijgen aan, 31 jaar lang, zonder nog ooit te dansen. </p>
<p>In 1939, in een kliniek in Zwitserland, temidden van een troep journalisten, laat Vaslav echter nog een keer zijn befaamde zweefsprong zien. Er is een foto van. “Is het niet ontzettend hoopvol?”, zegt Japin. “Ik zie het als een symbool van het leven. Het is een werkelijkheid, een magonische werkelijkheid die we kunnen bereiken. Het is toch fantastisch als je kan scheppen tot wat je zelf kan zijn? Als je maar springt!” </p>
<p>&#8212;-<br />
<img src="http://www.nationaleboekenblog.nl/wp-content/uploads/omslagvaslav.jpg" alt="unknown" title="unknown" width="135" height="216" class="alignleft size-full wp-image-3801" />Arthur Japin, &#8216;Vaslav&#8217;, Uitgeverij De Arbeiderspers, 372 p., prijs: 21,95 euro. Verschijnt vanaf 6 september 2010. Zie ook <a href="http://www.arthurjapin.nl">www.arthurjapin.nl</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nationaleboekenblog.nl/interviews/detective-van-de-ziel-%e2%80%98ga-maar-springen%e2%80%99/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>

